-
1. Luchthavens zijn te onderscheiden in:
a. de luchthaven Schiphol,
b. overige burgerluchthavens, en
c. militaire luchthavens.
2. Overige burgerluchthavens zijn van regionale betekenis of van nationale betekenis. Deze luchthavens zijn van nationale betekenis indien:
a. zij zijn gelegen buiten provinciegrenzen zoals bepaald bij of krachtens de Provinciewet, of
b. dit bij wet is bepaald.
3. Luchthavens van nationale betekenis zijn:
a. de luchthaven Lelystad,
b. de luchthaven Eelde,
c. de luchthaven Maastricht, en
d. de luchthaven Rotterdam.
4. Indien het militaire gebruik van een militaire luchthaven, met uitzondering van de militaire luchthaven Twenthe, wordt beëindigd door intrekking van:
a. de aanwijzing op grond van de Luchtvaartwet van die luchthaven als militaire luchthaven, of
b. het luchthavenbesluit dat op deze luchthaven betrekking heeft,
en op die plaats een burgerluchthaven wordt gevestigd, dan is deze luchthaven van nationale betekenis.
5. In afwijking van het vierde lid kan bij algemene maatregel van bestuur worden vastgesteld dat een luchthaven als bedoeld in dat lid van regionale betekenis is.
6. De voordracht voor een krachtens het vijfde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
-
Artikel 8.1a
Details / PDF
1. Het is verboden met een luchtvaartuig op te stijgen of te landen, anders dan van of op een luchthaven.
2. Het is verboden de luchthaven Schiphol in bedrijf te hebben indien voor deze luchthaven geen luchthavenindelingbesluit en luchthavenverkeerbesluit gelden en indien de exploitant van deze luchthaven niet beschikt over een geldig veiligheidscertificaat.
3. Het is verboden een overige burgerluchthaven in bedrijf te hebben indien voor deze luchthaven geen luchthavenbesluit of luchthavenregeling geldt. Vaststelling van een luchthavenbesluit is vereist indien buiten het luchthavengebied het externe-veiligheidsrisico of de geluidbelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer zodanig is dat dit gevolgen heeft voor de ruimtelijke indeling van het gebied rond de luchthaven. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt de mate van externe-veiligheidsrisico of geluidbelasting buiten het luchthavengebied bepaald die vaststelling van gevolgen voor de ruimtelijke indeling van het gebied rond de luchthaven noodzakelijk maakt. Daarbij kan worden bepaald dat voor daarbij te omschrijven luchthavens in elk geval kan worden volstaan met de vaststelling van een luchthavenregeling. De voordracht voor een krachtens dit lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
4. Het is de exploitant van een overige burgerluchthaven waarvoor vaststelling van een luchthavenbesluit is vereist, verboden die luchthaven in bedrijf te hebben indien hij niet beschikt over een geldig veiligheidscertificaat. Bij algemene maatregel van bestuur kan dit verbod van toepassing worden verklaard op burgerluchthavens waarvoor vaststelling van een luchthavenregeling mogelijk is.
5. Voor een militaire luchthaven is een luchthavenbesluit of een luchthavenregeling van kracht.
6. [Dit lid is nog niet in werking getreden.]
Titel 8.2. De luchthaven Schiphol
Afdeling 8.2.1. Algemeen
-
Artikel 8.1b
Details / PDF
1. In deze titel wordt verstaan onder:
Autoriteit Consument en Markt: de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt;
exploitant van de luchthaven: de N.V. Luchthaven Schiphol, of, indien dit een ander is, de houder van de luchthavenexploitatievergunning;
gebruiker: een luchtvaartmaatschappij, alsmede een persoon of rechtspersoon die vluchten uitvoert, niet zijnde een luchtvaartmaatschappij;
inspecteur-generaal: de inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport, bedoeld in het Instellingsbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport;
investeringsproject: het samenhangende geheel van diensten, leveringen dan wel werken, die als zodanig zijn opgenomen in het in artikel 8.25de bedoelde investeringsprogramma, waarvan de uitgaven voor luchtvaartactiviteiten een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen bedrag overschrijden;
luchthavenexploitatievergunning: de vergunning, bedoeld in artikel 8.25;
luchthavennetwerk: een groep luchthavens die als zodanig door de lidstaat is aangewezen en die wordt geëxploiteerd door een en dezelfde exploitant van de luchthaven;
netwerkkwaliteit: de directe beschikbaarheid van een omvangrijk, wereldwijd en frequent bediend lijnennet;
operationele voorwaarden: die voorwaarden die betrekking hebben op het gebruik van de luchthaven door de gebruikers;
representatieve organisatie: een bij ministeriële regeling aangewezen rechtspersoon die de belangen vertegenwoordigt van gebruikers;
2. In deze titel wordt onder omgevingsplan mede verstaan een projectbesluit als bedoeld in de Omgevingswet.
-
Deze titel is van toepassing ten aanzien van de luchthaven Schiphol.
-
Artikel 8.2a
Details / PDF
1. De overheid bezit ten minste een meerderheid van het economisch en juridisch belang in de exploitant van de luchthaven.
2. Onze Minister van Financiën wijst bij regeling een of meerdere overheidsorganisaties aan ter voldoening van de in het eerste lid genoemde eis.
3. De krachtens het tweede lid vast te stellen regeling heeft in ieder geval betrekking op de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de in het eerste lid genoemde eis en de wijze waarop de overheid in gezamenlijkheid blijvend invulling geeft aan de continuïteit van de Mainport.
4. Het voorstel voor de krachtens het tweede lid vast te stellen regeling wordt gedaan door Onze Minister van Financiën in overeenstemming met Onze Minister van Infrastructuur en Milieu en wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal is overgelegd.
5. Aan de goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders van de exploitant van de luchthaven zijn onderworpen de besluiten van het bestuur van de exploitant van de luchthaven omtrent investeringen welke een bedrag vereisen gelijk aan ten minste een tiende van het bedrag van de activa volgens de geconsolideerde balans met toelichting volgens de laatst vastgestelde jaarrekening van de exploitant van de luchthaven.
-
De uitoefening van de bevoegdheden die voortvloeien uit deze titel is gericht op het bevorderen van een optimaal gebruik van de luchthaven als kwalitatief hoogwaardig luchtverkeersknooppunt met een hoge netwerkkwaliteit, met inachtneming van de grenzen die met het oog op de veiligheid, de geluidbelasting, de lokale luchtverontreiniging en de geurbelasting noodzakelijk zijn.
Afdeling 8.2. De ruimtelijke indeling van en rond de luchthaven
§ 8.2.1. Het luchthavenindelingbesluit
-
Bij algemene maatregel van bestuur wordt voor de luchthaven een luchthavenindelingbesluit vastgesteld.
-
1. In het luchthavenindelingbesluit worden het luchthavengebied en het beperkingengebied vastgesteld.
2. Als luchthavengebied wordt het gebied vastgesteld dat bestemd is voor gebruik als luchthaven.
3. Als beperkingengebied wordt het gebied vastgesteld waar in verband met de nabijheid van de luchthaven met het oog op de veiligheid en de geluidbelasting beperkingen noodzakelijk zijn ten aanzien van de functie of het gebruik van de locatie.
4. Het luchthavengebied en het beperkingengebied overlappen elkaar niet. De gebieden kunnen bestaan uit niet aaneengesloten delen.
5. De gebieden worden langs elektronische weg en met gebruikmaking van een of meer ondergronden vastgelegd. Van een zodanig elektronisch document wordt tevens een papieren versie gemaakt.
6. Bij de vaststelling van het luchthavenindelingbesluit kan in ieder geval gebruik worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar.
-
Het luchthavenindelingbesluit bevat voor het luchthavengebied regels omtrent de functie en het gebruik van de locatie voor zover die regels noodzakelijk zijn met het oog op het gebruik van het gebied als luchthaven.
-
1. Het luchthavenindelingbesluit bevat voor het beperkingengebied regels waarbij beperkingen zijn gesteld ten aanzien van de functie en het gebruik van de locatie voor zover die beperkingen noodzakelijk zijn met het oog op de veiligheid en de geluidbelasting in verband met de nabijheid van de luchthaven.
2. Het besluit bevat in ieder geval regels omtrent beperking van:
a. de functie en het gebruik van de locatie in verband met het externe-veiligheidsrisico vanwege het luchthavenluchtverkeer;
b. de functie en het gebruik van de locatie in verband met de geluidbelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer;
c. de maximale hoogte van objecten op of boven de locatie, in verband met de veiligheid van het luchthavenluchtverkeer;
d. een functie die, of van een gebruik dat, vogels aantrekt, in verband met de veiligheid van het luchthavenluchtverkeer.
3. Bij de regels, bedoeld in het tweede lid, onderdelen a en b, worden in ieder geval locaties aangewezen waar woningen of andere in het besluit aangewezen gebouwen niet zijn toegelaten.
4. Elk besluit, volgend op het eerste luchthavenindelingbesluit, biedt een beschermingsniveau ten aanzien van externe veiligheid en geluidbelasting, dat voor ieder van deze aspecten, gemiddeld op jaarbasis vastgesteld, per saldo gelijkwaardig is aan of beter is dan het niveau zoals dat geboden werd door het eerste besluit.
-
1. Bij de vaststelling van een omgevingsplan voor een gebied dat is gelegen binnen het luchthavengebied of het beperkingengebied, wordt het luchthavenindelingbesluit in acht genomen.
2. Voor het gebied dat ligt binnen het luchthavengebied of beperkingengebied waarvoor geen omgevingsplan geldt in overeenstemming met het luchthavenindelingbesluit en voor het omgevingsplan geen toepassing is gegeven aan artikel 8.9, tweede lid, kan bij de vaststelling van het luchthavenindelingbesluit toepassing worden gegeven aan de artikelen 2.24 en 4.16, tweede lid, van de Omgevingswet.
3. De gemeenteraad is verplicht binnen een jaar of een andere bij het besluit te bepalen termijn nadat het besluit in werking is getreden het omgevingsplan overeenkomstig het besluit vast te stellen.
4. Indien een omgevingsplan niet in overeenstemming is met het besluit, is het college van burgemeester en wethouders verplicht aan degenen die inzage verlangen in het omgevingsplan, tevens inzage te verlenen in het besluit.
-
1. Bij de verlening van een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in de Omgevingswet wordt het luchthavenindelingbesluit in acht genomen.
2. Bij de vaststelling van een omgevingsplan of de verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in het eerste lid kan van het besluit worden afgeweken indien van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu de verklaring is ontvangen dat hij tegen de afwijking geen bezwaar heeft.
3. De verklaring van geen bezwaar die betrekking heeft op het luchthavengebied kan worden geweigerd met het oog op het gebruik van het gebied als luchthaven.
4. De verklaring van geen bezwaar die betrekking heeft op het beperkingengebied kan worden geweigerd met het oog op de veiligheid en de geluidbelasting in verband met de nabijheid van de luchthaven.
5. Artikel 10:31, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing met betrekking tot de verklaring van geen bezwaar.
-
Artikel 8.10
Details / PDF
Voor zover het ontwerp van een omgevingsplan zijn grondslag vindt in de uitvoering van het luchthavenindelingbesluit kunnen zienswijzen geen betrekking hebben op dat deel van het ontwerpplan.
-
Artikel 8.11
Details / PDF
Voor de mogelijkheid van beroep ingevolge hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht worden een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in artikel 8.9, tweede lid, en het besluit waarop de verklaring betrekking heeft als één besluit aangemerkt.
-
Artikel 8.12
Details / PDF
[Vervallen per 01-01-2024]
§ 8.2.2. Het voorbereiden en wijzigen van het besluit
-
Artikel 8.13
Details / PDF
Afdeling 8.3. Het luchthavenluchtverkeer
§ 8.3.1. Het luchthavenverkeerbesluit
-
Artikel 8.14
Details / PDF
-
Artikel 8.15
Details / PDF
Bij algemene maatregel van bestuur wordt voor de luchthaven een luchthavenverkeerbesluit vastgesteld.
-
Artikel 8.16
Details / PDF
Het luchthavenverkeerbesluit bevat een beschrijving van de luchtverkeerwegen.
-
Artikel 8.16a
Details / PDF
Voor zover het ontwerp van een omgevingsplan zijn grondslag vindt in de uitvoering van het luchthavenbesluit kunnen zienswijzen geen betrekking hebben op dat deel van het ontwerpplan.
-
Artikel 8.17
Details / PDF
1. Het luchthavenverkeerbesluit bevat regels omtrent het luchthavenluchtverkeer voor zover die regels noodzakelijk zijn met het oog op de veiligheid, de geluidbelasting, de lokale luchtverontreiniging en de geurbelasting.
2. Het besluit bevat in ieder geval regels omtrent:
a. de gevallen waarin van een luchtverkeerweg gebruik gemaakt wordt;
b. een op beperking van belasting gerichte wijze van gebruik van het luchtruim in andere gevallen;
c. de beschikbaarheid van de luchthaven voor het luchthavenluchtverkeer.
3. Het besluit kan regels bevatten omtrent:
a. de wijze van gebruik van de luchtverkeerwegen;
b. de tijdstippen waarop, de frequentie waarmee en de categorieën van luchtvaartuigen waarmee van het luchtruim gebruik gemaakt wordt.
4. De regels bevorderen het realiseren van een beschermingsniveau, waarbij de in het besluit beschreven grenswaarden met betrekking tot de door het luchthavenluchtverkeer veroorzaakte belasting ten aanzien van veiligheid, geluid en lokale luchtverontreiniging niet worden overschreden.
5. Het besluit bevat in ieder geval:
a. de grenswaarden voor het externe-veiligheidsrisico;
b. de grenswaarden voor de geluidbelasting, waarbij in ieder geval punten in of aan de rand van woonbebouwing in de nabijheid van de luchthaven bepaald worden met de grenswaarden die op ieder van die punten van toepassing zijn;
c. de grenswaarden voor de emissie van de stoffen die lokale luchtverontreiniging veroorzaken.
6. Het besluit kan ten aanzien van de in het tweede en derde lid bedoelde onderwerpen, grenzen stellen aan de maatregelen die de inspecteur-generaal op grond van artikel 8.22 kan treffen.
7. Elk besluit, volgend op het eerste luchthavenverkeerbesluit, biedt een beschermingsniveau ten aanzien van externe veiligheid, geluidbelasting en lokale luchtverontreiniging, dat voor ieder van deze aspecten, gemiddeld op jaarbasis vastgesteld, per saldo gelijkwaardig is aan of beter is dan het niveau zoals dat geboden werd door het eerste besluit.
8. Bij de vaststelling van het luchthavenverkeerbesluit kan in ieder geval gebruik worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar.
-
Artikel 8.17a
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven stelt jaarlijks voorafgaand aan het gebruiksjaar in overleg met de verlener van luchtverkeersdiensten een gebruiksprognose inzake het gebruik van de luchthaven op.
2. De gebruiksprognose wordt ten minste vier weken voor de toezending, bedoeld in het vierde lid, voor advies voorgelegd aan de Omgevingsraad Schiphol, bedoeld in artikel 8.34.
3. Voorafgaand aan het gebruiksjaar zendt de Omgevingsraad Schiphol zijn advies aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.
4. Voorafgaand aan het gebruiksjaar zendt de exploitant van de luchthaven de gebruiksprognose aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de inhoud en de procedure van de gebruiksprognose.
-
Artikel 8.17b
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven zendt binnen vier maanden na afloop van het gebruiksjaar een evaluatie van het werkelijke gebruik van de luchthaven in vergelijking tot de gebruiksprognose voor dat jaar aan de Omgevingsraad Schiphol en aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de inhoud en de procedure van de evaluatie.
-
Artikel 8.18
Details / PDF
De exploitant van de luchthaven, de verlener van luchtverkeersdiensten en de luchtvaartmaatschappijen bevorderen het goede verloop van het luchthavenluchtverkeer overeenkomstig het luchthavenverkeerbesluit. Zij treffen daartoe zelf en in onderlinge samenwerking de voorzieningen die redelijkerwijs van hen kunnen worden gevergd om te bewerkstelligen dat de belasting vanwege het luchthavenluchtverkeer de in artikel 8.17, vierde lid, bedoelde grenswaarden niet overschrijdt.
-
Artikel 8.19
Details / PDF
De exploitant van de luchthaven stelt de luchthaven beschikbaar overeenkomstig de regels van het luchthavenverkeerbesluit. De exploitant kan hiervan afwijken als dit in het belang van de veiligheid nodig is.
-
Artikel 8.20
Details / PDF
Luchtverkeersdiensten worden verleend overeenkomstig de regels van het luchthavenverkeerbesluit. De verlener van de luchtverkeersdiensten kan hiervan afwijken als dit in het belang van de veiligheid nodig is.
-
Artikel 8.21
Details / PDF
1. De gezagvoerder neemt deel aan het luchthavenluchtverkeer overeenkomstig de regels van het luchthavenverkeerbesluit.
2. De gezagvoerder kan afwijken van het eerste lid op advies van de verlener van luchtverkeersdiensten.
3. De gezagvoerder kan afwijken van het eerste lid als dit in het belang van de veiligheid nodig is.
-
Artikel 8.22
Details / PDF
1. Zodra de inspecteur-generaal constateert dat de in artikel 8.17, vierde lid, bedoelde grenswaarden zijn overschreden, schrijft hij maatregelen voor die naar zijn oordeel bijdragen aan het terugdringen van de belasting vanwege het luchthavenluchtverkeer binnen de grenswaarden.
2. De maatregelen hebben betrekking op de in artikel 8.17, tweede en derde lid, bedoelde onderwerpen en vallen binnen de in artikel 8.17, zesde lid, bedoelde grenzen.
3. De inspecteur-generaal trekt de maatregelen in of matigt deze voor zover zij naar zijn oordeel niet langer nodig zijn voor het terugdringen van de belasting vanwege het luchthavenluchtverkeer binnen de grenswaarden.
4. Voordat de inspecteur-generaal een maatregel voorschrijft stelt hij degene tot wie de maatregel is gericht in de gelegenheid zijn zienswijze kenbaar te maken.
5. De artikelen 8.18 tot en met 8.21 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de voorgeschreven maatregelen.
-
Artikel 8.23
Details / PDF
1. Bij regeling van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan indien ten gevolge van groot onderhoud van een baan het normale gebruik van een luchthaven naar hun oordeel ernstig wordt belemmerd:
a. vrijstelling worden verleend van een regel in het luchthavenverkeerbesluit;
b. een in het luchthavenverkeerbesluit vastgelegde grenswaarde voor de geluidbelasting in een bepaald punt worden vervangen door een andere grenswaarde.
2. Een vrijstelling kan slechts worden verleend voor een bepaalde in de vrijstelling vast te stellen termijn van ten hoogste een jaar.
3. Aan een vrijstelling kunnen beperkingen en voorschriften worden verbonden met het oog op de veiligheid, de geluidbelasting, de lokale luchtverontreiniging en de geurbelasting. De artikelen 8.18 tot en met 8.21 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de beperkingen en voorschriften.
4. Het tweede en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een vervanging als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.
5. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan indien ten gevolge van een bijzonder voorval het normale gebruik van een luchthaven naar hun oordeel ernstig wordt belemmerd vrijstelling verlenen van een regel in het luchthavenverkeerbesluit of een in het luchthavenverkeerbesluit vastgelegde grenswaarde vervangen. Het tweede en derde lid zijn van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.23a
Details / PDF
a. in de aanhef van het eerste lid in plaats van «krachtens artikel 8.15 gestelde voorschriften» wordt gelezen «het bepaalde in een luchthavenbesluit» en in plaats van «de commissie regionaal overleg luchthaven Schiphol, bedoeld in artikel 8.34» wordt gelezen: de commissie regionaal overleg van de betreffende luchthaven, bedoeld in artikel 8.75;
b. in de onderdelen a en b van het eerste lid in plaats van «het luchthavenverkeerbesluit» wordt gelezen: het luchthavenbesluit;
c. in het zesde lid in plaats van «de artikelen 8.13, 8.14 of 8.24» wordt gelezen: artikel 8.71;
d. in het achtste en negende lid in plaats van «de commissie regionaal overleg luchthaven Schiphol, bedoeld in artikel 8.34» wordt gelezen: de commissie regionaal overleg van de betreffende luchthaven, bedoeld in artikel 8.75.
§ 8.4.2.3. Toegang tot en exploitatie van de luchthaven, informatievoorziening, financiële aspecten
-
Artikel 8.24
Details / PDF
De artikelen 8.13 en 8.14 zijn van overeenkomstige toepassing op het voorbereiden en het wijzigen van het luchthavenverkeerbesluit.
Afdeling 8.4. De exploitatie van de luchthaven
-
Artikel 8.24a
Details / PDF
-
Artikel 8.25
Details / PDF
1. Het is verboden de luchthaven te exploiteren zonder vergunning van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.
2. Een luchthavenexploitatievergunning wordt verleend voor onbepaalde tijd.
-
Artikel 8.25a
Details / PDF
De exploitant van de luchthaven is verplicht tot exploitatie van de luchthaven en treft met inachtneming van artikel 8.3 daartoe de voorzieningen die nodig zijn voor een goede afwikkeling van het luchthavenluchtverkeer en het daarmee samenhangende personen- en goederenvervoer op de luchthaven.
-
Artikel 8.25b
Details / PDF
1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een vergunning intrekken indien:
a. de exploitant van de luchthaven zich schuldig maakt aan wanbeheer waardoor de continuïteit van de luchthaven in gevaar wordt gebracht;
b. het nationale ruimtelijke beleid niet langer voorziet in een luchthaven op de desbetreffende locatie.
2. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan op aanvraag van de exploitant van de luchthaven de vergunning intrekken indien het algemeen belang zich niet tegen die intrekking verzet.
-
Artikel 8.25c
Details / PDF
Indien een ernstig vermoeden bestaat dat een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.25b, onderdeel a, zich dreigt voor te doen, kan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu de exploitant van de luchthaven een aanwijzing geven om binnen een door hem te stellen termijn maatregelen te treffen ter voorkoming van wanbeheer.
-
Artikel 8.25d
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven stelt eenmaal per drie jaar de tarieven en voorwaarden voor de eerstkomende periode van drie jaar vast voor de activiteiten van de exploitant van de luchthaven ten behoeve van het gebruik van de luchthaven door gebruikers.
2. De in het eerste lid, bedoelde tarieven en voorwaarden kunnen binnen de periode van drie jaar per jaar verschillen.
3. De in het eerste lid, bedoelde tarieven en voorwaarden treden op 1 april in werking.
4. De exploitant van de luchthaven stelt jaarlijks aangepaste tarieven vast op basis van de in het eerste lid, dan wel in artikel 8.25db, bedoelde tarieven die voor het desbetreffende jaar zijn vastgesteld. De aanpassing betreft een of meer van de door de exploitant van de luchthaven aan de gebruikers in artikel 8.25dg, bedoelde verschuldigde afzonderlijke verrekeningen.
5. De exploitant van de luchthaven kan jaarlijks aangepaste tarieven vaststellen op basis van de in het eerste lid dan wel in artikel 8.25db, bedoelde tarieven die voor het desbetreffende jaar zijn vastgesteld. De aanpassing betreft een of meer van de door de gebruikers aan de exploitant van de luchthaven in artikel 8.25dg, bedoelde verschuldigde afzonderlijke verrekeningen.
6. De exploitant van de luchthaven kan telkens als hiertoe aanleiding bestaat aangepaste operationele voorwaarden vaststellen voor het resterende gedeelte van de in het eerste lid bedoelde periode van drie jaar, op basis van de in het eerste lid, dan wel in artikel 8.25db bedoelde voorwaarden.
7. De in het vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven treden per 1 april in werking.
8. De in het zesde lid, bedoelde aangepaste operationele voorwaarden treden in werking op een door de exploitant van de luchthaven te bepalen datum, waarbij de exploitant van de luchthaven de nadere regels, bedoeld in de artikelen 8.25di, eerste lid, en 8.25e, twaalfde lid, in acht neemt.
-
Artikel 8.25da
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven doet voorafgaande aan de periode waarop de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde tarieven en voorwaarden betrekking hebben, mededeling ter zake van de vaststelling van de tarieven en voorwaarden aan gebruikers en representatieve organisaties.
2. De exploitant van de luchthaven betrekt bij de vaststelling van de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, de zienswijzen van gebruikers en representatieve organisaties en geeft in de mededeling ter zake van de vaststelling van de tarieven en voorwaarden gemotiveerd aan:
a. of, in hoeverre en op welke wijze deze zienswijzen hebben geleid tot eventuele aanpassing van de voorgestelde tarieven en voorwaarden;
b. welke mogelijke effecten de tarieven en voorwaarden hebben op de netwerkkwaliteit.
3. De exploitant van de luchthaven draagt er op verzoek van een gebruiker of representatieve organisatie zorg voor dat de mededeling van de vaststelling van de tarieven geen tot die gebruiker of representatieve organisatie herleidbare informatie bevat, indien de informatie in de zienswijze door een gebruiker of representatieve organisatie als bedrijfsvertrouwelijk wordt gekwalificeerd.
4. De exploitant van de luchthaven doet voorafgaande aan de periode waarop de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven betrekking hebben, mededeling van de vaststelling van de in artikel 8.25dg, bedoelde afzonderlijke verrekeningen, het saldo van de afzonderlijke verrekeningen en de daaruit volgende aangepaste tarieven aan gebruikers en representatieve organisaties. Het tweede lid, onderdeel a, en het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing.
5. De exploitant van de luchthaven doet voorafgaande aan de periode waarop de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste voorwaarden betrekking hebben, mededeling van de vaststelling aan gebruikers en representatieve organisaties. Het tweede lid, onderdeel a, en het derde lid zijn van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.25db
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven kan, in afwijking van artikel 8.25d, eerste en derde lid, nieuwe tarieven en voorwaarden vaststellen voor het resterende gedeelte van de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde periode, in verband met de inwerkingtreding van veranderingen van de beveiligingsmaatregelen. Deze tarieven en voorwaarden kunnen zowel op 1 april als op 1 november van enig jaar in werking treden.
2. De exploitant van de luchthaven kan, in afwijking van artikel 8.25d, eerste en derde lid, nieuwe tarieven en voorwaarden vaststellen voor het resterende gedeelte van de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde periode, indien sprake is van uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden. Deze tarieven en voorwaarden kunnen zowel op 1 april als op 1 november van enig jaar in werking treden.
3. De exploitant van de luchthaven kan, in afwijking van artikel 8.25d, eerste en derde lid, nieuwe tarieven en voorwaarden vaststellen voor het resterende gedeelte van de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde periode, naar aanleiding van een in artikel 8.25f, vierde lid, bedoeld besluit van de Autoriteit Consument en Markt, naar aanleiding van het op grond van artikel 11.24 genomen besluit van de Autoriteit Consument en Markt of naar aanleiding van een rechterlijke uitspraak, indien een dergelijk besluit of rechterlijke uitspraak gevolgen heeft voor de structuur van en de onderlinge verhouding tussen de tarieven voor de onderscheiden soorten verkeer en vervoer. Deze tarieven en voorwaarden kunnen zowel op 1 april als op 1 november van enig jaar in werking treden.
4. De exploitant van de luchthaven doet voorafgaande aan de periode waarop de in de voorgaande leden bedoelde tarieven en voorwaarden betrekking hebben, mededeling aan gebruikers en representatieve organisaties ter zake van de vaststelling van deze tarieven en voorwaarden. Artikel 8.25da, tweede en derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.25dc
Details / PDF
1. De in artikelen 8.25d en 8.25db bedoelde tarieven en voorwaarden zijn redelijk en non-discriminatoir.
2. De in artikelen 8.25d en 8.25db bedoelde tarieven kunnen worden gedifferentieerd uit een oogpunt van algemeen belang, met inbegrip van de bescherming van het milieu. De criteria voor deze tariefsdifferentiatie dienen de differentiatie te kunnen rechtvaardigen en zijn objectief en transparant.
3. De in artikelen 8.25d en 8.25db bedoelde tarieven zijn voor het geheel van de activiteiten kostengeoriënteerd.
4. Onverminderd het derde lid zijn de tarieven voor het geheel van de beveiligingsactiviteiten ten behoeve van de burgerluchtvaart kostengeoriënteerd.
-
Artikel 8.25dd
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven neemt bij de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde vaststelling van de tarieven, een bijdrage in aanmerking uit de andere activiteiten dan de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde activiteiten en de andere activiteiten dan de in het tweede lid van dit artikel bedoelde overige activiteiten. De exploitant van de luchthaven houdt bij deze bijdrage rekening met de continuïteit van de onderneming en de financierbaarheid van de investeringen van de exploitant van de luchthaven.
2. De exploitant van de luchthaven neemt bij de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde vaststelling van de tarieven, de toegerekende opbrengsten in aanmerking uit de overige activiteiten van de exploitant van de luchthaven die rechtstreeks verband houden met de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde activiteiten.
3. De exploitant van de luchthaven neemt bij de vaststelling van de in artikel 8.25d, eerste lid, en artikel 8.25db, eerste lid, bedoelde tarieven de kosten in aanmerking van structurele maatregelen voor de uitvoering van een in artikel 37ac, tweede lid, van de Luchtvaartwet, bedoelde bijzondere aanwijzing van Onze Minister van Veiligheid en Justitie, voor zover die maatregelen betrekking hebben op de beveiliging van de burgerluchtvaart.
-
Artikel 8.25de
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven stelt eenmaal per drie jaar een vijfjarig investeringsprogramma vast, betreffende de activiteiten van de exploitant ten behoeve van het gebruik van de luchthaven door gebruikers, voorafgaande aan de periode waarop het vijfjarige investeringsprogramma betrekking heeft. De in het vierde en vijfde jaar van het investeringsprogramma geplande investeringen zijn indicatief van aard.
2. De exploitant van de luchthaven doet voor aanvang van het boekjaar waarin de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde tarieven en voorwaarden in werking treden, mededeling ter zake van de vaststelling van het in het eerste lid bedoelde vijfjarige investeringsprogramma.
3. De exploitant van de luchthaven betrekt bij de vaststelling van het vijfjarige investeringsprogramma de zienswijzen van gebruikers en representatieve organisaties en geeft in de in het tweede lid, bedoelde mededeling, gemotiveerd aan:
a. of, in hoeverre en op welke wijze deze zienswijzen hebben geleid tot een aanpassing van het voorgestelde investeringsprogramma;
b. de mate van draagvlak voor het investeringsprogramma bij gebruikers en representatieve organisaties.
4. De exploitant van de luchthaven draagt er op verzoek van een gebruiker of een representatieve organisatie zorg voor dat de mededeling van de vaststelling van het vijfjarige investeringsprogramma geen tot die gebruiker of representatieve organisatie herleidbare informatie bevat, indien de informatie in de zienswijze door een gebruiker of representatieve organisatie als bedrijfsvertrouwelijk wordt gekwalificeerd.
-
Artikel 8.25df
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven raadpleegt voor elk investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, die gebruikers en representatieve organisaties, die hebben aangegeven deel te willen nemen in een specifiek voor dit investeringsproject opgerichte projectgroep.
2. De exploitant van de luchthaven stelt voor elk investeringsproject, voorafgaande aan de start van de aanbesteding van dat investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, in ieder geval een raming en de daarbij behorende functionele specificaties vast en deelt deze mede aan de gebruikers en de representatieve organisaties die deelnemen in de in het eerste lid, bedoelde projectgroep.
3. De exploitant van de luchthaven betrekt bij de vaststelling van de raming en de daarbij behorende functionele specificaties van elk investeringsproject, of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, de zienswijzen van de gebruikers en van de representatieve organisaties die deelnemen in de in het eerste lid, bedoelde projectgroep.
4. De exploitant van de luchthaven doet, voor aanvang van de realisatiefase van elk investeringsproject, of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, aan de leden van de in het eerste lid bedoelde projectgroep, in ieder geval mededeling van de vaststelling van de omvang van de investeringsbegroting en de functionele specificaties van dat investeringsproject.
5. De exploitant van de luchthaven doet, na afloop van de realisatie van elk investeringsproject, of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, aan de leden van de in het eerste lid, bedoelde projectgroep, mededeling ter zake van in ieder geval de daadwerkelijke uitgaven en de gerealiseerde functionele specificaties van dat investeringsproject, of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, en de verschillen met de investeringsbegroting, respectievelijk de in het kader van de aanbesteding vastgestelde functionele specificaties.
6. Bij wijziging van de in het vierde lid, bedoelde functionele specificaties, in de periode vanaf de aanvang van de realisatiefase tot het moment van afronding van de realisatiefase, is het eerste tot en met vijfde lid van overeenkomstige toepassing.
7. In het geval dat het investeringsproject geheel bestaat uit diensten, leveringen of werken, die niet behoeven te worden aanbesteed, is het eerste tot en met vijfde lid van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.25dg
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, de verschillen tussen de geraamde en de werkelijke opbrengsten en kosten, in verband met de prognoses en de realisatie van het volume van het verkeer en vervoer, zoals volgt uit de financiële verantwoordingen.
2. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven voor beveiliging, en met inachtneming van dit lid, de meeropbrengst uit de in artikel 8.25dc, vierde lid, bedoelde tarieven voor de beveiliging, die zijn verkregen nadat een in artikel 8.25dd, derde lid, bedoelde structurele maatregel is ingetrokken, en de tarieven voor de beveiliging van de burgerluchtvaart nog niet dienovereenkomstig zijn aangepast, zoals volgt uit de financiële verantwoordingen.
3. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een aanpassing van de tarieven, als bedoeld in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, en met inachtneming van deze leden, de omzet als gevolg van het verschil tussen het door de exploitant van de luchthaven in rekening gebrachte tarief en het tarief, als bedoeld in artikel 8.25f, vierde lid, dat door de exploitant van de luchthaven is vastgesteld naar aanleiding van een besluit van de Autoriteit Consument en Markt. De in dit lid bedoelde omzet volgt uit de financiële verantwoordingen.
4. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, de omzet als gevolg van het verschil tussen het door de exploitant van de luchthaven in rekening gebrachte tarief en het tarief, dat door de exploitant van de luchthaven is vastgesteld naar aanleiding van een op grond van artikel 11.24 genomen besluit van de Autoriteit Consument en Markt of een rechterlijke uitspraak. De in dit lid bedoelde omzet volgt uit de financiële verantwoordingen.
5. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, de toe- of afname van de omzet als gevolg van een in het derde lid dan wel vierde lid bedoeld besluit van de Autoriteit Consument en Markt, of een besluit van de rechter dat gevolgen heeft voor de structuur van een deel van de tarieven. De in dit lid bedoelde toe- of afname van de omzet volgt uit de financiële verantwoordingen.
6. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, het verschil in afschrijvings-, vermogens- en operationele kosten zoals opgenomen in de investeringsbegroting van de investering, zoals deze is opgenomen in het in artikel 8.25de bedoelde investeringsprogramma en de werkelijke afschrijvings-, vermogens- en operationele kosten van deze investeringen, zoals deze volgen uit de financiële verantwoordingen. De voorgaande volzin is van overeenkomstige toepassing in gevallen van eerdere of latere ingebruikneming of buitengebruikstelling van activa dan gepland gedurende de periode waarvoor de in artikel 8.25d of artikel 8.25db, bedoelde tarieven van kracht zijn. De in dit lid bedoelde verschillen in afschrijvings-, vermogens- en operationele kosten volgen uit de financiële verantwoordingen.
7. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, de verschillen tussen de geraamde en de werkelijke kosten in verband met activiteiten op verzoek van een gebruiker dan wel opgelegd door de overheid. De in dit lid bedoelde verschillen volgen uit de financiële verantwoordingen.
8. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, de toe- of afname van de kosten, die het gevolg is van het aanvangen, respectievelijk ophouden te bestaan van de in artikel 8.25db, tweede lid, bedoelde uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden. De in dit lid bedoelde toe- of afname van de kosten volgt uit de financiële verantwoordingen.
9. Indien de in artikel 8.25df, vijfde lid, bedoelde daadwerkelijke investeringsuitgaven lager zijn dan de in artikel 8.25df, vierde lid, dan wel zesde lid, bedoelde investeringsbegroting en het verschil tussen die uitgaven en de begroting groter is dan een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen percentage, verrekent de exploitant van de luchthaven dit verschil, in afwijking van het zesde lid, met het oog op een in artikel 8.25d, vierde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van dit lid, gedurende de resterende jaren van de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde periode van drie jaar, waarin het investeringsproject of een onderdeel daarvan in gebruik wordt genomen en de direct daarop volgende periode van drie jaar. De verrekening van het verschil in de in de vorige volzin bedoelde periode is gelijk aan de helft van het verschil in jaarlijkse afschrijvings-, vermogens- en operationele kosten dat het gevolg is van het verschil tussen de in artikel 8.25df, vierde lid, dan wel zesde lid, bedoelde investeringsbegroting, van het investeringsproject, en de lagere in artikel 8.25df, vijfde lid, bedoelde daadwerkelijke uitgaven van het investeringsproject. Het in dit lid bedoelde verschil volgt uit de financiële verantwoordingen.
10. Indien de in artikel 8.25df, vijfde lid, bedoelde daadwerkelijke investeringsuitgaven hoger zijn dan de in artikel 8.25df, vierde lid, dan wel het zesde lid, bedoelde investeringsbegroting en het verschil tussen die uitgaven en de begroting groter is dan een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen percentage blijft, in afwijking van het zesde lid, het verschil in afschrijvings-, vermogens- en operationele kosten dat voortvloeit uit het verschil tussen daadwerkelijke investeringsuitgaven en de investeringsbegroting buiten de kosten en de tarieven gedurende de resterende jaren van de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde periode van drie jaar, waarin het investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan in gebruik wordt genomen, en de direct daarop volgende periode van drie jaar. Het in de eerste volzin bepaalde is niet van toepassing, indien en voor zover het verschil tussen de investeringsbegroting en de hogere daadwerkelijke investeringsuitgaven het gevolg is van uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden.
11. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, het verschil tussen de geraamde en de daadwerkelijke kosten in verband met verzekeringspremies tegen schade als gevolg van terrorisme, zoals volgt uit de financiële verantwoordingen.
12. De exploitant van de luchthaven verrekent met het oog op een in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, en met inachtneming van deze leden, de verschillen tussen de geraamde en de werkelijke kosten in verband met een uitstel van de uitvoering van activiteiten ten opzichte van de prognose, zoals volgt uit de financiële verantwoordingen.
-
Artikel 8.25dh
Details / PDF
De exploitant van de luchthaven hanteert de op grond van artikel 8.25d, eerste lid, en artikel 8.25db, eerste tot en met derde lid, vastgestelde tarieven en voorwaarden, de op grond van artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, vastgestelde aangepaste tarieven, en de op grond van artikel 8.25d, zesde lid, vastgestelde aangepaste voorwaarden, gedurende de periode waarop die tarieven en voorwaarden, respectievelijk die aangepaste tarieven en voorwaarden betrekking hebben.
-
Artikel 8.25di
Details / PDF
1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent:
a. de activiteiten ten behoeve van het gebruik van de luchthaven door gebruikers waarvoor de in artikel 8.25d, eerste lid en artikel 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassingen van tarieven en de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aanpassingen van de operationele voorwaarden worden vastgesteld;
b. het tijdstip van vaststelling van de in artikel 8.25d, eerste lid en artikel 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassingen van tarieven en de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aanpassingen van de operationele voorwaarden;
c. de vermelding van de wijzigingen van de in artikel 8.25d, eerste lid en artikel 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde voorwaarden, gedurende de in artikel 8.25d, eerste lid, bedoelde periode, en het tijdstip van die wijzigingen;
d. de vermelding van de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste operationele voorwaarden;
e. de wijze en het tijdstip waarop de in artikel 8.25da, eerste, vierde en vijfde lid en artikel 8.25db, vierde lid, bedoelde mededelingen plaatsvinden;
f. de in artikel 8.25db, tweede lid en in artikel 8.25dg, tiende lid, bedoelde uitzonderlijke en onvoorziene omstandigheden;
g. de in artikel 8.25dc, derde en vierde lid, bedoelde kostenoriëntatie;
h. de procedure volgens welke en de methodiek aan de hand waarvan de exploitant van de luchthaven uitvoering geeft aan artikel 8.25dd, eerste lid en de informatieverstrekking ter zake;
i. de in artikel 8.25dd, tweede lid, bedoelde overige activiteiten, welke rechtstreeks verband houden met de activiteiten ten behoeve van het gebruik van de luchthaven;
j. het tijdstip en de wijze waarop de exploitant van de luchthaven, indien nodig in afwijking van de in onderdeel b bedoelde regels, uitvoering geeft aan artikel 8.25dd, derde lid;
k. het tijdstip en de wijze waarop de in artikel 8.25de, tweede lid, bedoelde mededeling van de vaststelling van het vijfjarige investeringsprogramma plaatsvindt;
l. de tijdstippen en de wijze waarop de exploitant van de luchthaven jaarlijks gebruikers en representatieve organisaties informeert over de voortgang van het investeringsprogramma;
m. het minimale bedrag van het investeringsproject;
n. het tijdstip en de wijze waarop de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep, wordt vormgegeven;
o. de in artikel 8.25df, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, bedoelde raadplegingen en de mededelingen inzake een investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan;
p. de tijdstippen en de wijze waarop de in artikel 8.25dg, eerste tot en met negende en elfde en twaalfde lid, bedoelde verrekeningen, alsmede de informatieverstrekking door de exploitant van de luchthaven over de verrekeningen en de overige aan de verrekeningen te stellen voorwaarden, plaats hebben;
q. het in artikel 8.25dg, negende en tiende lid, bedoelde percentage van het verschil tussen de daadwerkelijke investeringsuitgaven van een investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, en de investeringsbegroting.
2. De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
-
Artikel 8.25dj
Details / PDF
1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een groep luchthavens die wordt geëxploiteerd door de exploitant van de luchthaven of, indien dit een ander is, een en dezelfde houder van de luchthavenexploitatievergunning, aanwijzen als luchthavennetwerk.
2. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan de exploitant van het luchthavennetwerk toestemming verlenen om een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven vast te stellen voor het gehele luchthavennetwerk.
3. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan de exploitant van de luchthaven en de exploitant van elke deelnemende overige burgerluchthaven, voor zover zij luchtverbindingen voor dezelfde stad of agglomeratie verzorgen, toestemming verlenen om een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven vast te stellen voor alle luchthavens die de luchtverbindingen voor dezelfde stad of agglomeratie verzorgen.
4. In geval van een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven, als bedoeld in het tweede of derde lid, doet de exploitant van de luchthaven aan de gebruikers en representatieve organisaties mededeling van een voorstel voor de tarieven en voorwaarden en stelt hij de tarieven en voorwaarden vast voor de luchthaven Schiphol overeenkomstig de artikelen 8.25d tot en met 8.25h en de krachtens deze artikelen gestelde regels. De exploitant van elke deelnemende overige burgerluchthaven doet aan de gebruikers en representatieve organisaties mededeling van een voorstel en stelt de tarieven vast overeenkomstig de artikel 8.25d, 8.25da, 8.25db, 8.25dc, eerste lid, 8.25dd, 8.25de, eerste lid,8.25df, eerste lid, 8.25dg, 8.25e, 8.25f, 8.25fa, 8.25h en 8.25j en de krachtens deze artikelen gestelde regels. De exploitant en de deelnemende overige burgerluchthavens dragen zorg voor de noodzakelijke onderlinge afstemming.
-
Artikel 8.25e
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven doet met het oog op de vaststelling van de in artikel 8.25d, eerste lid en 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, aan gebruikers en representatieve organisaties voorafgaand mededeling van een voorstel voor deze tarieven en voorwaarden met een omschrijving van de daarvoor te leveren diensten, alsmede van een toelichting, onder meer inhoudende een economische onderbouwing, een kostenbenchmark, een tarievenbenchmark, een benchmark kwaliteitsindicatoren en een onderbouwde beschrijving van de mogelijke effecten van het voorstel van de tarieven en voorwaarden op de netwerkkwaliteit.
2. De exploitant van de luchthaven doet met het oog op de vaststelling van de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aanpassing van de tarieven, aan gebruikers en representatieve organisaties voorafgaand mededeling van een voorstel van de in artikel 8.25dg bedoelde afzonderlijke verrekeningen, het saldo van die verrekeningen en de daaruit volgende aangepaste tarieven.
3. De exploitant van de luchthaven doet, met het oog op de vaststelling van de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aanpassingen van de voorwaarden, aan gebruikers en representatieve organisaties voorafgaand mededeling van een voorstel tot aanpassing.
4. Gebruikers verstrekken aan de exploitant van de luchthaven de in het twaalfde lid, onderdeel f, bedoelde informatie, voorafgaand aan de mededeling van het voorstel voor de in artikel 8.25d, eerste lid, dan wel in artikel 8.25db bedoelde tarieven en voorwaarden.
5. De exploitant van de luchthaven raadpleegt gebruikers en representatieve organisaties over de in het eerste tot en met derde lid bedoelde voorstellen, alvorens de tarieven en voorwaarden, respectievelijk de aangepaste tarieven en voorwaarden vast te stellen.
6. De exploitant van de luchthaven doet met het oog op de vaststelling van het in artikel 8.25de, eerste lid, bedoelde investeringsprogramma, aan gebruikers en representatieve organisaties voorafgaand mededeling van een voorstel van het vijfjarige investeringsprogramma.
7. De exploitant van de luchthaven doet, met het oog op de vaststelling van de raming van een investeringsproject, en de ten behoeve van dat investeringsproject opgestelde functionele specificaties, aan de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep, per investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, voorafgaand mededeling van een voorstel dat in ieder geval een raming, de onderbouwing daarvan en de bij het betreffende investeringsproject of afzonderlijke onderdelen daarvan behorende functionele specificaties bevat.
8. De exploitant van de luchthaven raadpleegt gebruikers en representatieve organisaties over het in het zesde lid bedoelde investeringsprogramma, alvorens dat vast te stellen.
9. De exploitant van de luchthaven raadpleegt de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep over de raming en de daarbij behorende functionele specificaties per investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, alvorens deze vast te stellen.
10. Gebruikers en representatieve organisaties kunnen binnen vier weken na de dag waarop de in het eerste, tweede, derde of zesde lid bedoelde mededeling is gedaan, hun zienswijze over het in het eerste, tweede, derde of zesde lid bedoelde voorstel, aan de exploitant van de luchthaven doen toekomen.
11. Gebruikers en representatieve organisaties, die deelnemen in de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep, kunnen binnen de door de projectgroep afgesproken termijn, welke maximaal vier weken bedraagt, na de dag waarop de in het zevende lid bedoelde mededeling is gedaan, hun zienswijze over dat voorstel aan de exploitant van de luchthaven doen toekomen.
12. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent:
a. de wijze en het tijdstip waarop de in het eerste tot en met derde lid en het zesde en zevende lid bedoelde mededelingen plaatsvinden;
b. de wijze waarop de in het vijfde en het achtste lid bedoelde raadplegingen plaatsvinden;
c. de informatie, welke door de exploitant van de luchthaven moet worden opgenomen in het voorstel voor de in het eerste lid bedoelde tarieven en voorwaarden, de in het tweede en derde lid bedoelde aangepaste tarieven en voorwaarden en de daarbij behorende toelichtingen, waaronder ook de in het eerste lid bedoelde benchmarks;
d. de informatie, welke door de exploitant van de luchthaven moet worden gegeven over het in het zesde lid bedoelde voorstel van het investeringsprogramma;
e. de informatie, welke door de exploitant van de luchthaven moet worden gegeven over het in het zevende lid bedoelde voorstel van een investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan;
f. de door de gebruikers aan de exploitant van de luchthaven te verstrekken informatie als bedoeld in het vierde lid, en
g. het proces aan de hand waarvan invulling wordt gegeven aan de in het eerste lid bedoelde benchmarks.
13. Gebruikers en representatieve organisaties dienen de op basis van dit artikel door de exploitant van de luchthaven verstrekte informatie en het in het zesde lid bedoelde investeringsprogramma, als bedrijfsvertrouwelijk te beschouwen en te behandelen.
14. De op basis van dit artikel door de exploitant van de luchthaven aan de leden van de in artikel 8.25df, eerste lid bedoelde projectgroep, verstrekte informatie over een in het zevende lid bedoeld investeringsproject of elk afzonderlijk onderdeel daarvan, dient door de leden van de projectgroep als bedrijfsvertrouwelijk te worden beschouwd en behandeld.
15. De op basis van dit artikel door de gebruikers aan de exploitant van de luchthaven verstrekte informatie, als bedoeld in het vierde lid, dient door de exploitant van de luchthaven evenzeer als bedrijfsvertrouwelijk te worden beschouwd en behandeld en mag door de exploitant van de luchthaven bovendien niet in een tot een gebruiker herleidbare vorm in het voorstel worden verwerkt.
-
Artikel 8.25ea
Details / PDF
1. Gebruikers van de luchthaven die gebruik wensen te maken van diensten op maat of specifiek voor hen gereserveerde terminals of delen van terminals, kunnen een verzoek daartoe richten aan de exploitant.
2. De exploitant van de luchthaven stelt relevante, objectieve, transparante en non-discriminatoire criteria vast, op basis waarvan een verzoek van gebruikers van de luchthaven wordt beoordeeld.
3. Naast de criteria, bedoeld in het tweede lid, kan de exploitant van de luchthaven aanvullende criteria hanteren indien de inhoud van het verzoek daartoe noodzaakt. De aanvullende criteria voldoen aan dezelfde eisen als de criteria bedoeld in het tweede lid.
4. Indien binnen vier weken nadat de exploitant van de luchthaven heeft beslist op een verzoek als bedoeld in het eerste lid, daartoe een aanvraag van een gebruiker is ingediend, stelt de Autoriteit Consument en Markt vast of de beslissing van de exploitant in strijd is met bij of krachtens deze wet gestelde regels. De Autoriteit Consument en Markt geeft haar oordeel binnen drie maanden. Indien de Autoriteit Consument en Markt vaststelt dat de beslissing in strijd is met bij of krachtens deze wet gestelde regels, deelt zij dit terstond mede aan de exploitant van de luchthaven. De exploitant van de luchthaven neemt binnen vier weken een nieuwe beslissing op het verzoek met inachtneming van de overwegingen van de Autoriteit Consument en Markt.
-
Artikel 8.25f
Details / PDF
1. Binnen vier weken na de dag waarop de in artikel 8.25da, eerste, vierde en vijfde lid, dan wel in artikel 8.25db, vierde lid, bedoelde mededelingen, hebben plaats gehad kan een gebruiker of representatieve organisatie een aanvraag bij de Autoriteit Consument en Markt indienen tot vaststelling of de in artikel 8.25d, eerste lid en 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, of de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven, of de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste voorwaarden, in strijd zijn met bij of krachtens deze wet gestelde regels. Als gevolg van die aanvraag treden bedoelde tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven en voorwaarden niet op de voorgenomen ingangsdatum in werking. De aanvraag heeft geen betrekking op de wijze waarop en de mate waarin de exploitant van de luchthaven de artikelen 8.25dd, eerste lid en 8.25de, vierde lid, heeft nageleefd. De Autoriteit Consument en Markt deelt de exploitant van de luchthaven terstond mede dat een aanvraag van een gebruiker of van een representatieve organisatie is ontvangen.
2. De Autoriteit Consument en Markt neemt binnen vier weken na ontvangst van de in het eerste lid, bedoelde aanvraag, een besluit omtrent de inwerkingtreding van de door de exploitant van de luchthaven vastgestelde tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden. De Autoriteit Consument en Markt wijst daarbij de tarieven en voorwaarden dan wel de aangepaste tarieven of voorwaarden aan waarvoor, gelet op de aanvraag, de in het eerste lid, bedoelde opschorting van de inwerkingtreding, noodzakelijk blijft. In plaats van deze aangewezen tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, hanteert de exploitant de tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, die golden in de periode voorafgaand aan de periode waarvoor de aangewezen tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, waren vastgesteld. De tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, die niet zijn aangewezen, treden op de door de exploitant van de luchthaven voorgenomen ingangsdatum in werking. Het nemen van een in de eerste volzin bedoelde besluit, blijft achterwege indien binnen de daarin genoemde termijn een besluit over de aanvraag kan worden genomen.
3. De Autoriteit Consument en Markt beslist zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier maanden na ontvangst van een aanvraag. Deze termijn kan in uitzonderlijke gevallen met twee maanden worden verlengd. De Autoriteit Consument en Markt doet de aanvrager en de exploitant van de luchthaven voor het einde van de in de eerste volzin bedoelde termijn met redenen omkleed mededeling van de verlenging.
4. Indien de Autoriteit Consument en Markt heeft vastgesteld dat de in artikel 8.25d, eerste lid en 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, dan wel de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven, of de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste voorwaarden, in strijd zijn met bij of krachtens deze wet gestelde regels, deelt de Autoriteit Consument en Markt dit terstond mede aan de exploitant van de luchthaven en de aanvrager. De exploitant van de luchthaven stelt binnen vier weken na het besluit van de Autoriteit Consument en Markt nieuwe in artikel 8.25d, eerste lid en 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, of nieuwe in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven, dan wel nieuwe in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste voorwaarden, met inachtneming van het besluit en de overwegingen van de Autoriteit Consument en Markt, vast. Nadat de tarieven en voorwaarden, dan wel de aangepaste tarieven of voorwaarden, opnieuw zijn vastgesteld, trekt de Autoriteit Consument en Markt het in het tweede lid bedoelde besluit omtrent de inwerkingtreding, in. De opnieuw vastgestelde in artikel 8.25d, eerste lid en 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, dan wel de nieuwe in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven, of de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste voorwaarden, gelden vanaf de door de exploitant van de luchthaven oorspronkelijk voorgenomen ingangsdatum.
5. Indien de Autoriteit Consument en Markt heeft vastgesteld dat de in artikel 8.25d, eerste lid en 8.25db, eerste tot en met derde lid, bedoelde tarieven en voorwaarden, dan wel de in artikel 8.25d, vierde en vijfde lid, bedoelde aangepaste tarieven, of de in artikel 8.25d, zesde lid, bedoelde aangepaste voorwaarden, niet in strijd zijn met de bij of krachtens deze wet gestelde regels, trekt de Autoriteit Consument en Markt het besluit omtrent de in het tweede lid bedoelde inwerkingtreding, in en gelden deze tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, vanaf de door de exploitant van de luchthaven oorspronkelijk voorgenomen ingangsdatum. De Autoriteit Consument en Markt stelt de exploitant van de luchthaven en de aanvrager van zijn besluit op de hoogte.
6. Het eerste lid en de artikelen 8.25da, 8.25db, vierde lid, en 8.25e zijn niet van toepassing op de in het vierde lid bedoelde vaststelling van tarieven en voorwaarden, de aangepaste tarieven en de aangepaste voorwaarden.
7. De exploitant van de luchthaven hanteert de ingevolge het vierde lid vastgestelde tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, gedurende de resterende periode waarop de in het eerste lid bedoelde aanvraag betrekking had.
8. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de in het eerste lid bedoelde aanvraag aan de Autoriteit Consument en Markt en omtrent de in het vierde lid bedoelde vaststelling van tarieven en voorwaarden, dan wel aangepaste tarieven of voorwaarden, door de exploitant van de luchthaven.
-
Artikel 8.25fa
Details / PDF
1. Een deelnemer aan de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep, kan binnen twee weken na de dag waarop de in artikel 8.25df, tweede lid, bedoelde mededeling door de exploitant van de luchthaven heeft plaats gehad een aanvraag bij de Autoriteit Consument en Markt indienen om een beoordeling van de juiste en tijdige uitvoering van de in artikel 8.25e, zevende lid, bedoelde procedure, inzake een investeringsproject of onderdeel daarvan. De Autoriteit Consument en Markt deelt de exploitant van de luchthaven terstond mede dat een aanvraag van een deelnemer aan de projectgroep is ontvangen.
2. De Autoriteit Consument en Markt beslist zo spoedig mogelijk op de in het eerste lid, bedoelde aanvraag, doch uiterlijk binnen twee maanden na ontvangst van een aanvraag.
3. Indien de Autoriteit Consument en Markt vaststelt dat de regels ter zake van de in artikel 8.25e, zevende lid, bedoelde procedure, door de exploitant van de luchthaven niet tijdig, niet volledig of niet correct zijn nagekomen, deelt de Autoriteit Consument en Markt dit mede aan de exploitant van de luchthaven en de aanvrager.
4. De exploitant van de luchthaven informeert de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep, met inachtneming van de overwegingen van de Autoriteit Consument en Markt, op grond van het tweede lid en geeft tevens aan op welke wijze en op welk tijdstip alsnog een tijdige, volledige dan wel correcte nakoming van de regels ter zake van de in artikel 8.25e, zevende lid, bedoelde procedure zal plaats hebben.
5. De exploitant van de luchthaven doet, met inachtneming van het besluit en de overwegingen van de Autoriteit Consument en Markt, de in artikel 8.25df, eerste lid, bedoelde projectgroep mededeling van in ieder geval de aanpassingen van de investeringsraming, de onderbouwing daarvan en de bij het betreffende investeringsproject behorende functionele specificaties.
6. Het eerste lid is niet van toepassing op de in het vijfde lid bedoelde mededeling.
7. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de in het eerste lid bedoelde aanvraag aan de Autoriteit Consument en Markt.
-
Artikel 8.25g
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven stelt een toerekeningssysteem vast voor de jaarlijkse kosten en opbrengsten van de activiteiten, bedoeld in artikel 8.25d, eerste lid, dat voldoet aan de eisen van marktconformiteit, proportionaliteit en integraliteit. De exploitant van de luchthaven legt het toerekeningssysteem ter goedkeuring voor aan de Autoriteit Consument en Markt.
2. De exploitant van de luchthaven voert voor de activiteiten met betrekking tot het gebruik van de luchthaven door gebruikers een gescheiden administratie binnen de boekhouding, waarbinnen de kosten en opbrengsten van de uitvoering van de beveiliging van passagiers en hun bagage, bedoeld in artikel 8.25dc, vierde lid afzonderlijk worden geadministreerd.
3. Op grond van de gescheiden administratie binnen de boekhouding, bedoeld in het tweede lid, stelt de exploitant van de luchthaven jaarlijks een financiële verantwoording op over het voorafgaande boekjaar, die bestaat uit een afzonderlijke exploitatierekening en een overzicht van de toegedeelde materiële vaste activa voor het geheel van de activiteiten, bedoeld in artikel 8.25d, eerste lid. De financiële verantwoording bevat een toelichting en is voorzien van een verklaring van een onafhankelijke accountant.
4. De exploitant van de luchthaven legt binnen vijf maanden na afloop van het boekjaar van de exploitant van de luchthaven de financiële verantwoording over het voorafgaande boekjaar tezamen met de verklaring van de onafhankelijke accountant, over aan de Autoriteit Consument en Markt en de gebruikers en representatieve organisaties die daarom verzoeken.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de geldigheidsduur, de inrichting en goedkeuring van het toerekeningssysteem, bedoeld in het eerste lid, de toedeling van activa aan de activiteiten, bedoeld in artikel 8.25d, eerste lid, de inrichting van de gescheiden administratie binnen de boekhouding, bedoeld in het tweede lid, en omtrent de financiële verantwoording, bedoeld in het derde lid.
6. Op de voorbereiding van een besluit omtrent goedkeuring van het toerekeningssysteem is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
7. Onverminderd artikel 3:15 van de Algemene wet bestuursrecht, kunnen de gebruikers en representatieve organisaties van de luchthaven hun zienswijze naar voren brengen over het voorgenomen besluit omtrent goedkeuring van het toerekeningssysteem.
8. De voordracht voor een krachtens het vijfde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan de beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
-
Artikel 8.25ga
Details / PDF
De exploitant van de luchthaven zendt, de in artikel 8.25e, eerste lid, bedoelde benchmarks over het voorafgaande boekjaar aan zowel de Autoriteit Consument en Markt, als aan de gebruikers en de representatieve organisaties, uiterlijk op hetzelfde tijdstip als waarop de exploitant van de luchthaven de in artikel 8.25e, eerste en tweede lid, bedoelde mededelingen doet.
-
Artikel 8.25h
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven zendt de Autoriteit Consument en Markt een afschrift van de in artikelen 8.25da, eerste, vierde en vijfde lid, 8.25db, vierde lid, 8.25de, tweede lid, 8.25df, tweede en vijfde lid en 8.25e, eerste tot en met derde, zesde en zevende lid, bedoelde mededelingen.
2. De exploitant van de luchthaven verleent binnen de door de Autoriteit Consument en Markt gestelde termijn alle medewerking die deze redelijkerwijs kan verlangen bij de uitoefening van haar bevoegdheden op grond van deze wet.
3. Artikel 4:15 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing indien de Autoriteit Consument en Markt aan de exploitant van de luchthaven om gegevens verzoekt met het oog op een te nemen besluit.
4. Ingeval van overtreding van het tweede lid is artikel 12m van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.25ha
Details / PDF
[Vervallen per 01-01-2011]
-
Artikel 8.25i
Details / PDF
[Vervallen per 01-01-2013]
-
Artikel 8.25j
Details / PDF
Een voordracht voor een algemene maatregel van bestuur op grond van de artikelen 8.25d tot en met 8.25g wordt gedaan door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken.
Afdeling 8.5. Informatievoorziening
§ 8.5.1. Algemeen
-
Artikel 8.26
Details / PDF
Een ministeriële regeling op grond van deze afdeling wordt vastgesteld door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.
§ 8.5.2. Het registreren van het veiligheidsrisico en de milieubelasting
-
Artikel 8.27
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven draagt zorg voor het registreren van de veiligheids- en milieubelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer. Hij verricht de metingen en berekeningen die voor die registratie noodzakelijk zijn.
2. Het registreren wordt zodanig uitgevoerd dat een vergelijking mogelijk is met de in artikel 8.17, vierde lid, bedoelde grenswaarden.
3. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld omtrent het registreren en omtrent de metingen en berekeningen die daartoe noodzakelijk zijn.
§ 8.5.3. Gegevensverstrekking, verslaglegging en openbaarmaking
-
Artikel 8.28
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven verstrekt de inspecteur-generaal:
a. de op grond van artikel 8.27 geregistreerde gegevens;
b. gegevens over de in artikel 8.27 bedoelde metingen en berekeningen.
2. De exploitant, de verlener van luchtverkeersdiensten en de luchtvaartmaatschappijen verstrekken de inspecteur-generaal gegevens over de ter uitvoering van artikel 8.18 getroffen voorzieningen.
3. De exploitant verstrekt de inspecteur-generaal gegevens over de afwijkingen, bedoeld in artikel 8.19. De verlener van luchtverkeersdiensten verstrekt de inspecteur-generaal gegevens over de afwijkingen, bedoeld in de artikelen 8.20 en 8.21.
4. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld omtrent de gegevensverstrekking.
-
Artikel 8.29
Details / PDF
1. De inspecteur-generaal brengt elk half jaar aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu verslag uit over de veiligheids- en milieuaspecten van het luchthavenluchtverkeer. Het verslag bevat ten minste een beschrijving van:
a. de ter uitvoering van artikel 8.18 getroffen voorzieningen en van de doelmatigheid en doeltreffendheid van die voorzieningen;
b. de ter uitvoering van artikel 8.22 getroffen maatregelen en van de doelmatigheid en de doeltreffendheid van die maatregelen.
2. Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld omtrent de verslaglegging.
-
Artikel 8.29a
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven brengt elke drie jaar, of zoveel eerder als Onze Minister van Infrastructuur en Milieu nodig oordeelt, aan Onze Minister van Infrastructuur en Milieu verslag uit over de exploitatie van de luchthaven. Het verslag bevat ten minste een beschrijving van de ter uitvoering van artikel 8.25a getroffen voorzieningen, een overzicht van alle daartoe relevante gegevens en een beschrijving van de doelmatigheid en doeltreffendheid van die voorzieningen, alsmede een beschrijving van de ontwikkeling van de netwerkkwaliteit, tevens omvattende een vergelijking met de in artikel 8.25da, tweede lid en 8.25e, eerste lid, bedoelde beschrijvingen.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de verslaggeving.
3. De door de exploitant van de luchthaven verstrekte beschrijving van de ontwikkeling van de netwerkkwaliteit stelt Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in staat in te schatten of en in hoeverre het door de exploitant van de luchthaven gevoerde beleid voldoende rekening houdt met de netwerkkwaliteit. Deze inschatting van het door de exploitant van de luchthaven gevoerde beleid met het oog op de ontwikkeling van netwerkkwaliteit door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu laat de bij of krachtens deze wet opgenomen bepalingen met betrekking tot de voorstellen, raadplegingen en vaststellingen en de bevoegdheden van de Autoriteit Consument en Markt onverlet.
-
Artikel 8.30
Details / PDF
1. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent het openbaar maken van gegevens als bedoeld in artikel 8.28.
2. De openbaarmaking geschiedt door kennisgeving op de in artikel 12 van de Bekendmakingswet bepaalde wijze.
§ 8.5.4. Gegevensverstrekking, geluidbelastingkaart en actieplan in verband met de richtlijn inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai
-
Artikel 8.30a
Details / PDF
[Vervallen per 01-11-2009]
-
Artikel 8.30b
Details / PDF
[Vervallen per 01-11-2009]
-
Artikel 8.30c
Details / PDF
[Vervallen per 01-11-2009]
-
Artikel 8.30d
Details / PDF
[Vervallen per 01-11-2009]
Afdeling 8.6. Financiële aspecten
-
Artikel 8.31
Details / PDF
1. Indien een bestuursorgaan in de rechtmatige uitoefening van zijn publiekrechtelijke bevoegdheid of taak met betrekking tot luchthavens schade veroorzaakt, is titel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht alleen van toepassing op de toekenning van vergoeding van schade als bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van die wet die wordt veroorzaakt door het vaststellen of wijzigen van een luchthavenindelingbesluit of luchthavenverkeerbesluit.
2. Een aanvraag om schadevergoeding wordt ingediend binnen vijf jaar nadat de desbetreffende bepaling van het luchthavenindelingbesluit of luchthavenverkeerbesluit in werking is getreden.
3. Voor de toepassing van dit artikel bestaat schade als bedoeld in artikel 4:126 van de Algemene wet bestuursrecht alleen uit inkomens- of omzetderving of waardevermindering van een onroerende zaak.
4. De aanvrager heeft het risico van het ontstaan van de schade, bedoeld in artikel 4:126, tweede lid, onder a, van de Algemene wet bestuursrecht, aanvaard als:
a. een regel die is gesteld met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, wordt gewijzigd of beëindigd door een luchthavenindelingbesluit of luchthavenverkeerbesluit of de wijziging daarvan,
b. gedurende een periode van ten minste drie jaar voorafgaande aan het luchthavenindelingbesluit of luchthavenverkeerbesluit of de wijziging daarvan van de mogelijkheden die de regel biedt geen gebruik is gemaakt, en
c. na het verstrijken van de periode, bedoeld onder b, de benadeelde ten minste een jaar voor de bekendmaking van het luchthavenindelingbesluit of luchthavenverkeerbesluit of de wijziging daarvan is gewezen op het voornemen tot wijziging of beëindiging van die regel.
5. Van schade die bestaat uit waardevermindering van een onroerende zaak, wordt vier procent aangemerkt als behorend tot het normale maatschappelijke risico als bedoeld in artikel 4:126, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
6. Van de aanvrager heft Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat een recht ten bedrage van € 500. De aanvrager wordt gewezen op de verschuldigdheid van het recht en wordt medegedeeld dat het verschuldigde bedrag binnen vier weken na de dag van verzending van de mededeling op de door Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat aangegeven rekening moet zijn bijgeschreven. Indien het bedrag niet binnen deze termijn is bijgeschreven, wordt de aanvrager niet-ontvankelijk verklaard, tenzij redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de aanvrager in verzuim is geweest. Indien op de aanvraag geheel of gedeeltelijk positief wordt beslist, stort Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat het betaalde recht terug.
7. Afdeling 15.1 van de Omgevingswet blijft buiten toepassing voor zover de belanghebbende met betrekking tot de schade een beroep doet of kan doen op een schadevergoeding als bedoeld in het eerste lid.
-
Artikel 8.32
Details / PDF
Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een regeling vaststellen inzake het treffen van geluidwerende voorzieningen ten aanzien van in de regeling bepaalde woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen voor zover die gebouwen vanwege het luchthavenluchtverkeer een geluidbelasting kunnen ondervinden die ligt boven de in de regeling vastgestelde maximale waarden.
-
Artikel 8.33
Details / PDF
Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan regels stellen ten aanzien van het verstrekken van geldelijke steun uit s Rijks kas aan gemeenten ter bestrijding van de kosten ten gevolge van uitvoering van de in overeenstemming met het luchthavenindelingbesluit gebrachte omgevingsplannen.
Afdeling 8.7. De commissie regionaal overleg luchthaven Schiphol
-
Artikel 8.34
Details / PDF
1. Er is een commissie regionaal overleg luchthaven Schiphol.
2. De commissie bestaat uit een onafhankelijke voorzitter en vertegenwoordigers van:
a. de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht;
b. gemeenten in de in onderdeel a genoemde provincies;
c. de exploitant van de luchthaven;
d. de verlener van luchtverkeersdienstverlening;
e. luchtvaartmaatschappijen die geregeld van de luchthaven gebruik maken.
-
Artikel 8.35
Details / PDF
De commissie heeft tot taak om door overleg tussen de in artikel 8.34 bedoelde betrokkenen een gebruik van de luchthaven te bevorderen dat zoveel mogelijk recht doet aan de belangen van die betrokkenen.
-
Artikel 8.36
Details / PDF
Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt nadere regels omtrent de taak en de samenstelling van de commissie. Daarbij wordt bepaald welke in artikel 8.34, tweede lid, bedoelde gemeenten en luchtvaartmaatschappijen in de commissie vertegenwoordigd zijn.
-
Artikel 8.37
Details / PDF
1. De voorzitter van de commissie wordt door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu benoemd, geschorst en ontslagen.
2. Elk ander lid wordt benoemd, geschorst en ontslagen door de voorzitter op voordracht van het orgaan of de organisatie die het lid vertegenwoordigt.
3. De benoeming geschiedt voor ten hoogste vier jaren. Herbenoeming kan telkens voor ten hoogste vier jaren plaatsvinden.
-
Artikel 8.38
Details / PDF
De commissie stelt een bestuursreglement vast. Het reglement behoeft de goedkeuring van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu.
-
Artikel 8.39
Details / PDF
De commissie heeft een secretariaat. De samenstelling en de werkzaamheden van het secretariaat worden in het bestuursreglement geregeld.
-
Artikel 8.40
Details / PDF
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de commissie wordt in het bestuursreglement geregeld. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de commissie opgeborgen in het archief van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Titel 8.2a. Tarieven en voorwaarden voor overige luchthavens en militaire luchthavens met burgermedegebruik
-
Artikel 8.40a
Details / PDF
1. In deze titel wordt verstaan onder:
Autoriteit Consument en Markt: de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt;
gebruiker: een luchtvaartmaatschappij, alsmede een persoon of rechtspersoon die vluchten uitvoert, niet zijnde een luchtvaartmaatschappij;
luchthavennetwerk: een groep luchthavens die als zodanig door de lidstaat is aangewezen en die wordt geëxploiteerd door een en dezelfde exploitant van de luchthaven;
overige luchthaven: een burgerluchthaven behorende tot de overige burgerluchthavens, bedoeld in artikel 8.1, eerste lid, onder b, dan wel een militaire luchthaven voor zover het betreft burgermedegebruik door tussenkomst van een burgerexploitant;
representatieve organisatie: een bij ministeriële regeling aangewezen rechtspersoon die de belangen vertegenwoordigt van gebruikers.
2. In deze titel wordt onder exploitant mede verstaan burgerexploitant.
-
Artikel 8.40b
Details / PDF
Deze titel is, tenzij anders is bepaald, van toepassing ten aanzien van overige luchthavens die de drempelwaarde van vijf miljoen passagiersbewegingen per jaar overschrijden.
-
Artikel 8.40c
Details / PDF
1. De exploitant van een overige luchthaven stelt ten minste eenmaal per jaar de tarieven en voorwaarden vast voor de activiteiten van deze exploitant ten behoeve van het gebruik van de luchthaven door gebruikers. De exploitant van een overige luchthaven doet voorafgaande aan de periode waarop de tarieven en voorwaarden betrekking hebben, mededeling van de tarieven en voorwaarden.
2. De tarieven zijn redelijk en non-discriminatoir.
3. De tarieven kunnen worden gedifferentieerd uit een oogpunt van algemeen belang, met inbegrip van de bescherming van het milieu. De criteria voor deze tariefdifferentiatie dienen differentiatie te kunnen rechtvaardigen en zijn objectief en transparant.
4. De exploitant van de luchthaven hanteert de tarieven en voorwaarden die ingevolge het eerste lid zijn vastgesteld, gedurende de periode waarop de vaststelling van de tarieven en voorwaarden betrekking heeft.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent:
a. de activiteiten ten behoeve van het gebruik van de luchthaven door gebruikers waarvoor tarieven en voorwaarden als bedoeld in het eerste lid, worden vastgesteld;
b. de wijze en het tijdstip waarop de mededeling, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt; en
c. het tijdstip van vaststelling en inwerkingtreding van de tarieven en voorwaarden.
-
Artikel 8.40d
Details / PDF
1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een groep van overige luchthavens die wordt geëxploiteerd door een en dezelfde exploitant aanwijzen als luchthavennetwerk.
2. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan de exploitant van het luchthavennetwerk toestemming verlenen om een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven vast te stellen voor het gehele luchthavennetwerk.
3. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan de exploitanten van overige luchthavens, voor zover zij luchtverbindingen voor dezelfde stad of agglomeratie verzorgen, toestemming verlenen om een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven vast te stellen voor alle luchthavens die de luchtverbindingen voor dezelfde stad of agglomeratie verzorgen.
4. In geval van een gemeenschappelijk, transparant systeem van tarieven, als bedoeld in het tweede of derde lid, doen zowel de exploitant van de overige luchthaven die de grens van vijf miljoen passagiersbewegingen overschrijdt als de exploitant van elke deelnemende overige luchthaven aan de gebruikers mededeling van een voorstel voor de tarieven en voorwaarden en stellen zij de tarieven en voorwaarden vast overeenkomstig de artikelen 8.40c tot en met 8.40f en de krachtens deze artikelen gestelde regels. De exploitanten van de deelnemende overige luchthavens dragen zorg voor de noodzakelijke onderlinge afstemming.
-
Artikel 8.40e
Details / PDF
1. Voorafgaand aan de vaststelling van de tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8.40c, eerste lid, doet de exploitant van een overige luchthaven aan de gebruikers van de luchthaven en representatieve organisaties mededeling van een voorstel van deze tarieven en voorwaarden met een omschrijving van de daarvoor te leveren diensten, alsmede een toelichting, inhoudende een economische onderbouwing en een omschrijving, aan de hand van indicatoren, van het kwaliteitsniveau van de aangeboden diensten ten behoeve van het gebruik van de luchthaven.
2. Voorafgaand aan het voorstel voor de vaststelling van de tarieven en voorwaarden, bedoeld in artikel 8.40c, eerste lid, verstrekken de gebruikers aan de exploitant de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur voorgeschreven informatie.
3. De exploitant van de overige luchthaven raadpleegt de gebruikers van de luchthaven en representatieve organisaties over het voorstel, bedoeld in het eerste lid, alvorens de tarieven en voorwaarden vast te stellen.
4. De exploitant van de overige luchthaven houdt bij de vaststelling van de tarieven en voorwaarden rekening met de zienswijze van de gebruikers van de luchthaven en van representatieve organisaties naar aanleiding van de raadpleging, bedoeld in het derde lid, en motiveert bij de vaststelling van de tarieven en voorwaarden zijn overwegingen omtrent de ingebrachte zienswijzen.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent:
a. de wijze en het tijdstip waarop de mededeling, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt;
b. de wijze waarop de raadpleging, bedoeld in het derde lid, plaatsvindt;
c. de indicatoren, bedoeld in het eerste lid; en
d. De gegevens die door de exploitant van een overige luchthaven moeten worden opgenomen in het voorstel voor de tarieven en voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, en de daarbij behorende toelichting.
6. De op basis van dit artikel door de exploitant aan de gebruikers van de overige luchthaven verstrekte informatie dient door de gebruikers te worden beschouwd en behandeld als bedrijfsvertrouwelijk of economisch gevoelig. De op basis van dit artikel door de gebruikers van de overige luchthaven aan de exploitant verstrekte informatie dient door de exploitant evenzeer te worden beschouwd en behandeld als bedrijfsvertrouwelijk of economisch gevoelig en mag door de exploitant bovendien niet in een tot een gebruiker herleidbare vorm in het voorstel worden verwerkt.
-
Artikel 8.40f
Details / PDF
1. Gebruikers van een overige luchthaven die gebruik wensen te maken van diensten op maat of specifiek voor hen gereserveerde terminals of delen van terminals, kunnen een verzoek daartoe richten aan de exploitant.
2. De exploitant van een overige luchthaven stelt relevante, objectieve, transparante en non-discriminatoire criteria vast, op basis waarvan een verzoek van gebruikers van de luchthaven wordt beoordeeld.
3. Naast de criteria, bedoeld in het tweede lid, kan de exploitant van een overige luchthaven aanvullende criteria hanteren indien de inhoud van het verzoek daartoe noodzaakt. De aanvullende criteria voldoen aan dezelfde eisen als de criteria bedoeld in het tweede lid.
4. Indien binnen vier weken nadat de exploitant van een overige luchthaven heeft beslist op een verzoek als bedoeld in het eerste lid, daartoe een aanvraag van een gebruiker is ingediend, stelt de Autoriteit Consument en Markt vast of de beslissing van de exploitant in strijd is met bij of krachtens deze wet gestelde regels. De Autoriteit Consument en Markt geeft haar oordeel binnen drie maanden. Indien de Autoriteit Consument en Markt vaststelt dat de beslissing in strijd is met bij of krachtens deze wet gestelde regels, deelt zij dit terstond mede aan de exploitant van de overige luchthaven die heeft beslist op het in het eerste lid bedoelde verzoek. De exploitant van de overige luchthaven neemt binnen vier weken een nieuwe beslissing op het verzoek met inachtneming van de overwegingen van de Autoriteit Consument en Markt.
-
Artikel 8.40g
Details / PDF
1. Indien binnen vier weken na de mededeling, bedoeld in artikel 8.40c, eerste lid, van de vaststelling van de tarieven en voorwaarden bij de Autoriteit Consument en Markt een aanvraag van een gebruiker of representatieve organisatie is ingediend tot vaststelling of de tarieven en voorwaarden in strijd zijn met bij of krachtens deze wet gestelde regels, treden de tarieven en voorwaarden op de voorgenomen ingangsdatum niet in werking. De Autoriteit Consument en Markt deelt de exploitant van de overige luchthaven terstond mede dat een aanvraag van een gebruiker of van een representatieve organisatie is ontvangen.
2. De Autoriteit Consument en Markt neemt binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag een besluit omtrent de inwerkingtreding van de door de exploitant vastgestelde tarieven en voorwaarden. De Autoriteit Consument en Markt wijst daarbij de tarieven en voorwaarden aan waarvoor, gelet op de aanvraag, de in het eerste lid bedoelde opschorting van de inwerkingtreding noodzakelijk blijft. In plaats van deze aangewezen tarieven en voorwaarden hanteert de exploitant de tarieven en voorwaarden die golden in de periode voorafgaand aan de periode waarvoor de aangewezen tarieven en voorwaarden waren vastgesteld. De tarieven en voorwaarden die niet zijn aangewezen, treden op de door de exploitant voorgenomen ingangsdatum in werking. Het nemen van een besluit als bedoeld in de eerste volzin, blijft achterwege indien binnen de daarin genoemde termijn een besluit over de aanvraag kan worden genomen.
3. De Autoriteit Consument en Markt beslist zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen vier maanden na ontvangst van de aanvraag. Deze termijn kan in uitzonderlijke gevallen met twee maanden worden verlengd. De Autoriteit Consument en Markt doet de aanvrager voor het einde van de in de eerste volzin bedoelde termijn met redenen omkleed mededeling van de verlenging.
4. Indien de Autoriteit Consument en Markt vaststelt dat de tarieven en voorwaarden in strijd zijn met bij of krachtens deze wet gestelde regels, deelt zij dit terstond mede aan de exploitant van de overige luchthaven. De exploitant van de overige luchthaven stelt opnieuw de tarieven en voorwaarden vast met inachtneming van de overwegingen van de Autoriteit Consument en Markt. Nadat de tarieven en voorwaarden opnieuw zijn vastgesteld, trekt de Autoriteit Consument en Markt het besluit omtrent de inwerkingtreding bedoeld in het tweede lid in. De opnieuw vastgestelde tarieven en voorwaarden gelden vanaf de door de exploitant oorspronkelijk voorgenomen ingangsdatum.
5. Indien de Autoriteit Consument en Markt heeft vastgesteld dat de tarieven en voorwaarden niet in strijd zijn met bij of krachtens deze wet gestelde regels, trekt zij het besluit omtrent de inwerkingtreding bedoeld in het tweede lid in, en gelden deze tarieven en voorwaarden vanaf de door de exploitant oorspronkelijk voorgenomen ingangsdatum.
6. Eventuele verschillen in tarieven, voortvloeiende uit beslissingen van de Autoriteit Consument en Markt als bedoeld in het eerste tot en met vijfde lid, worden vereffend bij de hernieuwde vaststelling van de tarieven en voorwaarden.
7. Het eerste lid en artikel 8.40e zijn niet van toepassing op de vaststelling van tarieven en voorwaarden als bedoeld in het vierde lid.
8. De exploitant van de overige luchthaven hanteert de ingevolge het vierde lid vastgestelde tarieven en voorwaarden gedurende het resterende deel van de periode waarvoor de tarieven en voorwaarden overeenkomstig artikel 8.40c, eerste lid, waren vastgesteld.
9. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, aan de Autoriteit Consument en Markt en omtrent de vaststelling van tarieven en voorwaarden, bedoeld in het vierde lid.
-
Artikel 8.40h
Details / PDF
1. De exploitant van een overige luchthaven zendt de Autoriteit Consument en Markt een afschrift van de in de artikel 8.40c, eerste lid, en 8.40e, eerste lid, bedoelde mededelingen.
2. De exploitant van een overige luchthaven verleent binnen de door de Autoriteit Consument en Markt gestelde termijn alle medewerking die deze redelijkerwijs kan verlangen bij de uitoefening van haar bevoegdheden op grond van deze wet.
3. Artikel 4.15 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing indien de Autoriteit Consument en Markt aan de exploitant van een overige luchthavens om gegevens verzoekt met het oog op een te nemen besluit.
4. Ingeval van overtreding van het tweede lid is artikel 12m van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.40i
Details / PDF
Een voordracht voor een algemene maatregel van bestuur op grond van deze titel wordt gedaan door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken.
Titel 8.3. Luchthavens van regionale betekenis
Afdeling 8.3.1. Algemeen
-
Artikel 8.41
Details / PDF
1. Deze titel is van toepassing op luchthavens van regionale betekenis.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen, indien bovenprovinciale belangen dit vorderen, regels worden gesteld ten aanzien van de vorm van luchtvaart die in ieder geval toegang heeft tot een luchthaven van regionale betekenis. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan tevens worden bepaald welke grenswaarden voor de geluidbelasting voor dit luchthavenluchtverkeer ter beschikking moeten worden gesteld.
3. De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Afdeling 8.3.2. Luchthavens van regionale betekenis met luchthavenbesluit
§ 8.3.2.1. Algemeen
-
Artikel 8.42
Details / PDF
Deze afdeling is van toepassing op luchthavens van regionale betekenis waarvoor op grond van artikel 8.1a, derde lid, vaststelling van een luchthavenbesluit is vereist.
§ 8.3.2.2. Het luchthavenbesluit
-
Artikel 8.43
Details / PDF
1. Provinciale staten stellen bij verordening voor de luchthaven een luchthavenbesluit vast. Provinciale staten kunnen de bevoegdheid tot het vaststellen van deze verordening niet overdragen als bedoeld in artikel 152 van de Provinciewet.
2. Een luchthavenbesluit bevat bepalingen omtrent:
a. het luchthavenluchtverkeer, en
b. de ruimtelijke indeling van het gebied van en rond de luchthaven.
3. Artikel 107 van de Provinciewet is niet van toepassing.
-
Artikel 8.44
Details / PDF
1. Het luchthavenbesluit bevat ten aanzien van het luchthavenluchtverkeer:
a. grenswaarden en regels voor zover deze noodzakelijk zijn met het oog op de geluidbelasting, en
b. regels voor zover deze noodzakelijk zijn met het oog op de vliegveiligheid.
2. Binnen de in het eerste lid, onder a, bedoelde grenswaarden kan in ieder geval een grenswaarde exclusief worden toegewezen voor vluchten ten behoeve van:
a. spoedeisende hulpverlening;
b. de uitoefening van politietaken als bedoeld in artikel 3 van de Politiewet 2012.
3. Een luchthavenbesluit kan tevens regels of grenswaarden bevatten die noodzakelijk zijn met het oog op het externe-veiligheidsrisico of de lokale luchtverontreiniging.
4. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de in luchthavenbesluiten op te nemen grenswaarden en regels. Deze maatregel stelt in ieder geval regels omtrent het opnemen van grenswaarden voor de geluidbelasting. Bij deze maatregel kan een onderscheid worden gemaakt tussen categorieën luchthavens en tussen vormen van luchtvaart die gebruik maken van luchthavens.
5. De artikelen 8.19 tot en met 8.21 zijn van overeenkomstige toepassing.
6. De voordracht voor een krachtens het vierde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
7. Bij de vaststelling van het luchthavenbesluit kan in ieder geval gebruik worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar.
-
Artikel 8.45
Details / PDF
1. Zodra gedeputeerde staten constateren dat een in het luchthavenbesluit opgenomen grenswaarde is overschreden, schrijven zij maatregelen voor die naar hun oordeel bijdragen aan het terugdringen van de belasting vanwege het luchthavenluchtverkeer binnen de grenswaarden.
2. Artikel 8.22, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat gedeputeerde staten in de plaats treden van de inspecteur-generaal. Artikel 8.44, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de voorgeschreven maatregel.
3. Gedeputeerde staten schrijven geen maatregelen als bedoeld in het eerste lid voor met betrekking tot de overschrijding van de grenswaarde die is veroorzaakt door vluchten als bedoeld in artikel 8.44, tweede lid, indien deze overschrijding het gevolg is van uitzonderlijke omstandigheden.
-
Artikel 8.46
Details / PDF
1. Gedeputeerde staten kunnen indien ten gevolge van groot onderhoud van een baan of door een bijzonder voorval het normale gebruik van de luchthaven naar hun oordeel ernstig wordt belemmerd:
a. vrijstelling verlenen van een regel in het luchthavenbesluit;
b. een in het luchthavenbesluit vastgelegde grenswaarde voor geluid vervangen door een andere grenswaarde.
2. Aan een vrijstelling of vervanging kunnen beperkingen en voorschriften worden verbonden met het oog op de geluidbelasting, het externe-veiligheidsrisico, de vliegveiligheid of de lokale luchtverontreiniging.
3. Artikel 8.23, tweede lid, is van toepassing. Artikel 8.44, vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de beperkingen en voorschriften.
-
Artikel 8.47
Details / PDF
1. In het luchthavenbesluit worden ten behoeve van de ruimtelijke indeling van het gebied van en rond de luchthaven, het luchthavengebied en het beperkingengebied vastgesteld.
2. De artikelen 8.5, derde tot en met vijfde lid, 8.6, 8.7, eerste en derde lid, en 8.8 tot en met 8.11 zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat de verklaring van geen bezwaar, bedoeld in artikel 8.9, tweede lid, wordt verleend door gedeputeerde staten en in het geval, bedoeld in artikel 8.8, tweede lid, toepassing kan worden gegeven aan de artikelen 2.22 en 4.16, eerste lid, van de Omgevingswet.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de in luchthavenbesluiten op te nemen regels omtrent de vaststelling van het luchthavengebied en het beperkingengebied. Deze maatregel stelt ten aanzien van het beperkingengebied in ieder geval regels ten aanzien van:
a. de functie en het gebruik van de locatie in verband met het externe-veiligheidsrisico vanwege het luchthavenluchtverkeer;
b. de functie en het gebruik van de locatie in verband met de geluidbelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer;
c. de functie en het gebruik van de locatie waaronder begrepen de maximale hoogte van objecten op of boven de locatie, in verband met de vliegveiligheid.
4. De voordracht voor een krachtens het derde lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
-
Artikel 8.47a
Details / PDF
Provinciale staten nemen bij de vaststelling van het luchthavenbesluit het beleid in acht dat door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu over luchthavens is vastgelegd.
-
Artikel 8.48
Details / PDF
Op de voorbereiding van een luchthavenbesluit of op de voorbereiding van een wijziging van een luchthavenbesluit is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Zienswijzen kunnen naar voren worden gebracht door een ieder.
-
Artikel 8.49
Details / PDF
1. Een luchthavenbesluit of een wijziging van dit besluit treedt niet in werking dan nadat Onze Minister van Infrastructuur en Milieu heeft verklaard dat het veilig gebruik van het luchtruim door het luchthavenluchtverkeer is gewaarborgd. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu beslist binnen negen weken na indiening van de aanvraag voor deze verklaring veilig gebruik.
2. De afgifte van de verklaring van geen bezwaar op grond van artikel 8.9, tweede lid, geschiedt niet dan nadat Onze Minister van Infrastructuur en Milieu heeft verklaard dat het veilig gebruik van het luchtruim door deze verklaring of ontheffing is gewaarborgd. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu beslist binnen vier weken na indiening van de aanvraag voor deze verklaring veilig gebruik. Hij kan die beslissing eenmaal voor ten hoogste vier weken verdagen.
3. De verklaring veilig gebruik, bedoeld in het tweede lid, is van rechtswege verleend indien Onze Minister:
a. niet binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag een beslissing op die aanvraag heeft genomen,
b. niet binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag heeft besloten de beslissing op die aanvraag te verdagen, of
c. niet binnen de termijn waarmee de beslissing op de aanvraag is verdaagd, een beslissing op die aanvraag heeft genomen.
4. Bij regeling van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu worden voorschriften gegeven omtrent de gegevens die bij een aanvraag voor een verklaring van veilig gebruik moeten worden meegezonden.
-
Artikel 8.49a
Details / PDF
[Vervallen per 01-10-2012]
§ 8.3.2.3. Vaststellen routes in de nabijheid van de luchthaven
-
Artikel 8.50
Details / PDF
Indien voor een luchthaven op grond van artikel 5.11, eerste lid, onderdeel b, luchtverkeersroutes en -procedures worden vastgesteld, geschiedt vaststelling van het deel van de luchtverkeersroutes die zijn gelegen in het plaatselijk luchtverkeersleidinggebied, en vaststelling van de luchtverkeersprocedures, in overeenstemming met gedeputeerde staten. Bij de vaststelling van deze routes en procedures wordt het advies van gedeputeerde staten gevolgd, tenzij dit niet mogelijk is met het oog op de vliegveiligheid, de indeling van het luchtruim of de capaciteit van het luchtruim.
§ 8.3.2.4. De toegang tot en de exploitatie van de luchthaven
-
Artikel 8.51
Details / PDF
-
Artikel 8.52
Details / PDF
1. De exploitant van een luchthaven is gerechtigd luchthavenluchtverkeer ten behoeve van burgerluchtvaart op de luchthaven afhankelijk te stellen van toestemming. De toestemming wordt alleen geweigerd om te voorkomen dat de in het luchthavenbesluit opgenomen grenswaarden worden overschreden.
2. Indien op de luchthaven luchtverkeersdienstverlening wordt gegeven vindt afstemming plaats met de verlening van luchtverkeersdienstverlening.
3. Indien de exploitant gebruik maakt van het recht, bedoeld in het eerste lid, kan hij bij de vaststelling van tarieven voor de luchthaven een opslagtarief vaststellen voor het geval een luchtvaartuig zonder voorafgaande toestemming start of landt.
-
Artikel 8.53
Details / PDF
Indien de exploitant van een luchthaven tarieven en voorwaarden vaststelt voor het gebruik van de luchthaven zijn deze non-discriminatoir.
§ 8.3.2.5. Informatievoorziening en gegevensverstrekking
-
Artikel 8.54
Details / PDF
1. De exploitant van de luchthaven draagt zorg voor het registreren van de milieubelasting en indien van toepassing het externe-veiligheidsrisico vanwege het luchthavenluchtverkeer. Hij verricht de berekeningen die voor die registratie noodzakelijk zijn. Het registreren wordt zodanig uitgevoerd dat een vergelijking mogelijk is met de in het luchthavenbesluit opgenomen grenswaarden.
2. Provinciale staten kunnen bij verordening regels stellen omtrent de registratie en omtrent de berekeningen die daartoe noodzakelijk zijn.
3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de registratie van de milieubelasting en indien van toepassing het externe-veiligheidsrisico voor zover op grond van artikel 8.44, vierde lid, nadere regels zijn voorgeschreven. Hierbij worden tevens regels voorgeschreven omtrent de berekeningen die daartoe noodzakelijk zijn. De voordracht voor een krachtens de eerste volzin vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
4. De exploitant van de luchthaven verstrekt aan gedeputeerde staten:
a. de op grond van het eerste tot en met derde lid geregistreerde gegevens;
b. gegevens over de in het eerste tot en met derde lid bedoelde berekeningen.
-
Artikel 8.55
Details / PDF
1. Gedeputeerde staten brengen ieder jaar aan provinciale staten verslag uit over de milieuaspecten en indien van toepassing de externe-veiligheidsaspecten vanwege het luchthavenluchtverkeer.
2. De artikelen 8.29, tweede lid, en 8.30 zijn van overeenkomstige toepassing.
§ 8.3.2.6. Financiële aspecten
-
Artikel 8.56
Details / PDF
De artikelen 8.31 en 8.32 zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat bij de toepassing van artikel 8.31, zesde lid, gedeputeerde staten in de plaats treden van Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat.
-
Artikel 8.57
Details / PDF
Bij regeling van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kunnen regels worden gesteld ten aanzien van het verstrekken van geldelijke steun uit de provinciale kas aan gemeenten ter bestrijding van de kosten ten gevolge van uitvoering van in overeenstemming met het luchthavenbesluit gebrachte omgevingsplannen.
§ 8.3.2.7. Commissie regionaal overleg luchthaven
-
Artikel 8.58
Details / PDF
1. Provinciale staten kunnen voor een luchthaven een commissie regionaal overleg luchthaven instellen.
2. Indien provinciale staten voor een luchthaven een commissie instellen, bestaat de commissie uit een onafhankelijke voorzitter en in ieder geval uit vertegenwoordigers van:
a. gemeenten waarin het beperkingengebied geheel of gedeeltelijk is gelegen,
b. de exploitant van de luchthaven,
c. de verlener van luchtverkeersdienstverlening voor zover op de luchthaven van toepassing, en
d. omwonenden van de luchthaven.
3. Onverminderd het tweede lid kan de commissie ook bestaan uit vertegenwoordigers van rechtspersoonlijkheidbezittende gebruikersorganisaties of milieuorganisaties.
-
Artikel 8.59
Details / PDF
1. De commissie heeft tot taak om door overleg tussen de in artikel 8.58, tweede en derde lid, bedoelde betrokkenen een gebruik van de luchthaven te bevorderen dat zoveel mogelijk recht doet aan de belangen van die betrokkenen.
2. Provinciale staten stellen nadere regels vast omtrent de taak, de samenstelling en de werkwijze van de commissie. Daarbij wordt in ieder geval bepaald welke in artikel 8.58, tweede lid, onderdeel a, bedoelde gemeenten in de commissie vertegenwoordigd zijn.
3. De voorzitter van de commissie wordt door provinciale staten benoemd, geschorst en ontslagen.
4. Elk ander lid wordt benoemd, geschorst en ontslagen door de voorzitter op voordracht van het orgaan of de organisatie die het lid vertegenwoordigt.
§ 8.3.2.8. Aanwijzingen
-
Artikel 8.60
Details / PDF
[Vervallen per 01-10-2012]
-
Artikel 8.61
Details / PDF
[Vervallen per 01-10-2012]
§ 8.3.2.9. Bijzondere bepalingen in verband met gevolgen die een provinciegrens overstijgen
-
Artikel 8.62
Details / PDF
Indien een beperkingengebied als bedoeld in artikel 8.47, gedeeltelijk valt binnen de grenzen van een andere provincie dan de provincie waarin een luchthaven is gelegen, wordt het luchthavenbesluit vastgesteld in overeenstemming met provinciale staten van de andere provincie.
Afdeling 8.3.3. Luchthavens van regionale betekenis met luchthavenregeling
§ 8.3.3.1. Algemeen
-
Artikel 8.63
Details / PDF
Deze afdeling is van toepassing op luchthavens van regionale betekenis waarvoor op grond van artikel 8.1a, derde lid, vaststelling van een luchthavenbesluit niet is vereist.
§ 8.3.3.2. Luchthavenregeling
-
Artikel 8.64
Details / PDF
1. Gedeputeerde staten stellen bij besluit een luchthavenregeling vast voor een luchthaven.
2. Een luchthavenregeling bevat regels omtrent het luchthavenluchtverkeer voor zover die regels noodzakelijk zijn met het oog op de geluidbelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer. Een luchthavenregeling kan tevens bevatten:
a. grenswaarden die noodzakelijk zijn met het oog op het externe-veiligheidsrisico of de geluidbelasting; of
b. regels die noodzakelijk zijn met het oog op het externe-veiligheidsrisico.
3. De in de luchthavenregeling opgenomen regels of grenswaarden bevorderen in ieder geval dat niet wordt voldaan aan het criterium op grond waarvan volgens artikel 8.1a, derde lid, vaststelling van een luchthavenbesluit is vereist.
4. In een luchthavenregeling wordt het luchthavengebied vastgesteld. Het luchthavengebied wordt vastgesteld met behulp van een kaart waarop de ligging van dit gebied is aangegeven. Deze kaart wordt vervaardigd op een schaal van ten minste 1 op 10 000.
5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de in luchthavenregelingen op te nemen regels en grenswaarden.
6. De artikelen 8.19, 8.45, 8.46, 8.47a tot en met 8.49 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in artikel 8.47a voor «provinciale staten» wordt gelezen «gedeputeerde staten».
§ 8.3.3.3. Informatievoorziening
-
Artikel 8.65
Details / PDF
De artikelen 8.54 en 8.55 zijn van toepassing.
§ 8.3.3.4. Commissie regionaal overleg luchthaven
-
Artikel 8.66
Details / PDF
Indien provinciale staten voor een luchthaven een commissie regionaal overleg luchthaven instellen, zijn de artikelen 8.58, tweede en derde lid, en 8.59 van toepassing.
§ 8.3.3.5. Aanwijzingen
-
Artikel 8.67
Details / PDF
[Vervallen per 01-10-2012]
Titel 8.4. Luchthavens van nationale betekenis
Afdeling 8.4.1. Algemeen
-
Artikel 8.68
Details / PDF
Deze titel is van toepassing op luchthavens die op grond van artikel 8.1, tweede lid, van nationale betekenis zijn.
Afdeling 8.4.2. Luchthavens van nationale betekenis met luchthavenbesluit
§ 8.4.2.1. Algemeen
-
Artikel 8.69
Details / PDF
Deze afdeling is van toepassing op luchthavens van nationale betekenis waarvoor op grond van artikel 8.1a, derde lid, vaststelling van een luchthavenbesluit is vereist.
§ 8.4.2.2. Het luchthavenbesluit
-
Artikel 8.70
Details / PDF
1. Voor een luchthaven waarvan op grond van artikel 8.1, tweede lid, is bepaald dat deze van nationale betekenis is, wordt het luchthavenbesluit bij algemene maatregel van bestuur vastgesteld.
2. De artikelen 8.43, tweede lid, 8.44, eerste, tweede, derde en vijfde lid, 8.45, 8.46 en 8.47, eerste en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor de toepassing van de artikelen 8.45, eerste en derde lid, en 8.46, eerste lid, Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in de plaats treedt van gedeputeerde staten.
3. Het luchthavenbesluit bevat omtrent de ruimtelijke indeling van het gebied van en rond de luchthaven in ieder geval regels ten aanzien van:
a. de functie en het gebruik van de locatie in verband met het externe-veiligheidsrisico vanwege het luchthavenluchtverkeer;
b. de functie en het gebruik van de locatie in verband met de geluidbelasting vanwege het luchthavenluchtverkeer;
c. de functie en het gebruik van de locatie waaronder begrepen de maximale hoogte van objecten op of boven de locatie, in verband met de vliegveiligheid.
4. Bij het vaststellen van het luchthavenbesluit worden de nadere regels, bedoeld in artikel 8.44, vierde lid, en artikel 8.47, derde lid, in acht genomen.
5. Bij de vaststelling van het luchthavenbesluit kan in ieder geval gebruik worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar.
6. Ten aanzien van de burgerluchthaven Twente wordt het luchthavenbesluit of een wijziging daarvan, in afwijking van het eerste lid, vastgesteld bij besluit van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu. Artikel 8.71 is van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.71
Details / PDF
De voordracht voor een luchthavenbesluit of voor een wijziging daarvan wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp is voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Zienswijzen kunnen daarbij naar voren worden gebracht door een ieder. Gelijktijdig met de terinzagelegging in het kader van de procedure in de hiervoor bedoelde afdeling wordt het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal overgelegd.
-
Artikel 8.71a
Details / PDF
-
Artikel 8.72
Details / PDF
1. De artikelen 8.24a, 8.52, 8.53 en 8.54, eerste en vierde lid, zijn van toepassing met dien verstande dat voor de toepassing van artikel 8.54, vierde lid, Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in de plaats treedt van gedeputeerde staten.
2. Bij regeling van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu worden nadere regels gesteld omtrent het registreren van de grenswaarden die in het luchthavenbesluit zijn opgenomen, omtrent de berekeningen die daartoe noodzakelijk zijn en omtrent de gegevensverstrekking, bedoeld in artikel 8.54, vierde lid.
-
Artikel 8.73
Details / PDF
1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu maakt elk jaar een verslag over de milieuaspecten en indien van toepassing de externe-veiligheidsaspecten van het luchthavenluchtverkeer. Het verslag bevat ten minste een beschrijving van de ter uitvoering van artikel 8.45 getroffen maatregelen en van de doelmatigheid en doeltreffendheid van die maatregelen.
2. De artikelen 8.29, tweede lid, en 8.30 zijn van overeenkomstige toepassing.
-
Artikel 8.74
Details / PDF
De artikelen 8.31 tot en met 8.33 zijn van overeenkomstige toepassing.
§ 8.4.2.4. Commissie regionaal overleg luchthaven
-
Artikel 8.75
Details / PDF
1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu stelt voor iedere luchthaven een commissie regionaal overleg luchthaven in.
2. De commissie bestaat uit een onafhankelijke voorzitter en in ieder geval uit vertegenwoordigers van:
a. elke provincie waarin het beperkingengebied geheel of gedeeltelijk is gelegen,
b. gemeenten waarin het beperkingengebied geheel of gedeeltelijk is gelegen,
c. de exploitant van de luchthaven,
d. de verlener van luchtverkeersdienstverlening voor zover op de luchthaven van toepassing, en
e. omwonenden van de luchthaven.
3. Onverminderd het tweede lid kan de commissie ook bestaan uit vertegenwoordigers van rechtspersoonlijkheid bezittende gebruikersorganisaties of milieuorganisaties.
4. Artikel 8.59 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor de toepassing van het tweede en derde lid Onze Minister de plaats inneemt van provinciale staten.
Afdeling 8.4.3. Luchthavens van nationale betekenis met luchthavenregeling
§ 8.4.3.1. Algemeen
-
Artikel 8.76
Details / PDF
Deze afdeling is van toepassing op luchthavens van nationale betekenis waarvoor op grond van artikel 8.1a, derde lid, vaststelling van een luchthavenbesluit niet is vereist.
§ 8.4.3.2. Luchthavenregeling
-
Artikel 8.77
Details / PDF
1. Voor een luchthaven die is gelegen buiten provinciegrenzen zoals bepaald bij of krachtens de Provinciewet, wordt bij regeling van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu een luchthavenregeling vastgesteld.
2. Artikel 8.64, tweede tot en met vierde en zesde lid, zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor de toepassing van de artikelen 8.45, eerste lid, en 8.46, eerste lid, Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in de plaats treedt van gedeputeerde staten.
§ 8.4.3.3. Toegang tot de luchthaven en informatievoorziening
-
Artikel 8.78
Details / PDF
De artikelen 8.24a, derde lid, 8.54, eerste en vierde lid, 8.72, tweede lid, en 8.73, eerste en derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor de toepassing van artikel 8.54, vierde lid, Onze Minister van Infrastructuur en Milieu in de plaats treedt van gedeputeerde staten.
§ 8.4.3.4. Commissie regionaal overleg luchthaven
-
Artikel 8.79
Details / PDF
Indien Onze Minister van Infrastructuur en Milieu voor een luchthaven een commissie regionaal overleg luchthaven instelt, is artikel 8.75, lid 2, 3 en 4, van toepassing.