1. De voorzitter van de commissie wordt door Onze Minister van Infrastructuur en Milieu benoemd, geschorst en ontslagen.
2. Elk ander lid wordt benoemd, geschorst en ontslagen door de voorzitter op voordracht van het orgaan of de organisatie die het lid vertegenwoordigt.
3. De benoeming geschiedt voor ten hoogste vier jaren. Herbenoeming kan telkens voor ten hoogste vier jaren plaatsvinden.