Artikel
5.1.2
1.
Er zijn gewone en buitengewone rechtsmiddelen.
2.
Gewone rechtsmiddelen zijn:
a.
een bezwaarschrift en een klaagschrift;
b.
beroep tegen een beslissing van de rechter-commissaris;
c.
hoger beroep en beroep in cassatie tegen een beslissing van de raadkamer;
d.
verzet tegen een strafbeschikking;
e.
hoger beroep tegen een vonnis;
f.
beroep in cassatie tegen een arrest.
3.
Buitengewone rechtsmiddelen zijn:
a.
beroep in cassatie in het belang van de wet;
b.
een aanvraag tot herziening ten voordele van de gewezen verdachte;
c.
een aanvraag tot herziening ten nadele van de gewezen verdachte.