1. Bevoegd gezag voor een toevalsvondst van verontreiniging op of in de bodem is het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar de vondst zich voordoet.
2. Artikel 19.2, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Artikel 19.3 is van overeenkomstige toepassing, waarbij voor «veroorzaker» wordt gelezen: eigenaar of erfpachter.