1. Het bestuursorgaan dat een onteigeningsbeschikking heeft gegeven, verzoekt de bestuursrechter deze te bekrachtigen.
2. Het verzoekschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:
a. de naam en het adres van het bestuursorgaan,
b. de dagtekening,
c. een omschrijving van de onteigeningsbeschikking waarop het verzoek betrekking heeft.
3. Bij het verzoekschrift worden overgelegd:
a. een afschrift van de onteigeningsbeschikking,
b. de op de onteigeningsbeschikking betrekking hebbende stukken die redelijkerwijs nodig zijn voor de behandeling van het verzoek.