Hij die artikel 47, eerste lid, onder 2° in tijd van vrede artikel 48 opzettelijk oproer of muiterij van krijgslieden, in dienst van het Rijk, uitlokt door een der in, vermelde middelen, of bevordert op enige invermelde wijze, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie. (zie: artikel 47, eerste lid, onder 2°, artikel 48)